ZaNaBoZa.... de getikte avonturen van Paul & Marieke

Alle reizen
10 september 2014

No Moose

Vanochtend redelijk op tijd uit de veren. Maar met een veel kleinere reistijd dan gebruikelijk, op naar Acadia Natonal park. We hadden de luxe om op een steenworp afstand van het park in een hotel te verblijven. In het bezoekerscentrum naar een aantal korte wandelingen gevraagd en op pad.

De eerste stop bij een wild tuin, was niet zo ons ding. Hier sloeg even de twijfel toe, welke we ook hadden toen we dit park in de route opgenomen hadden. Ondanks het feit dat er in de reisgidsen gesproken werd van één van de mooiste en drukbezochte parken van het land, konden we er toch niet echt hoogte van krijgen.

Op naar de volgende stop dan maar, Cadillac Mountain. Misschien zijn we wel wat verwend, of liever gezegd gewend, maar deze stop konden we zeker waarderen. Het uitzicht vanaf de berg mocht er zijn.

In de bolide maar weer en op naar het strand. Want wat is een vakantie nu zonder strand. voor velen misschien heel vervelend, voor ons een minder groot probleem. Maar even flaneren langs de oceaan is nu ook weer geen straf te noemen. En als je het getijde in de gaten houdt, kun je ook nog even een klein stukje oversteken en vandaar een mooie wandeling over de rotsen maken, waardoor het uitzicht almaar fraaier wordt. Na twee uurtjes klim, klauter en daalwerk werd het tijd om onze magen te vullen. Na dit gedaan te hebben, stonden er nog twee wandelingen op het programma, alvorens onze rit naar het volgende hotel in te zetten.

Maar eerst nog een blik werpen op Thunderhole, want dat is het bekendste plekje van het park. Als je goed luistert kun je hier de donderslag horen. Dit wordt veroorzaakt door het water dat terugslaat vanuit een gat in de rotsen. We hadden niet het meest spectaculaire geluid, want daarvoor waren we niet op het goede tijdstip, maar hebben toch een donderslagje mogen horen.

Met name de wandeling bij het meer liet maar weer eens zien hoe afwisselend het landschap in Acadia is. Opvallend was ook het grote aantal kajakken welke we gezien hebben. Het lijkt erop dat je er in deze hoek van het land niet bij hoort als je niet in het bezit bent van een kajak.

In alle souvenirwinkels wordt Acadia vertegenwoordigd door een afbeelding van een eland, het was dan een teleurstelling te noemen dat we de hele dag niet één eland hebben gezien. Jammer maar helaas, no moose today!
Lees het verhaal
9 september 2014

Dat Maine je niet

Voor vandaag stond een grote rit op het programma. Maar liefst 1/5 van het totaal aantal te rijden kilometers zou verslonden zijn aan het einde van de dag. Dat houdt dus in, dat we vandaag voornamelijk in onze grijze bolide hebben vertoefd, en dat er maar weinig tijd overbleef om andere dingen te doen. Alhoewel, een cache vinden in New Hampshire, om zodus gelijk een staat af te vinken, in een leuk plaatsje, waarna genoten kan worden van een kop koffie is natuurlijk geen straf.

Na deze korte stop, was het doel Acadia National Park in de staat Maine. Komt meteen het overzicht van de National Park Service dat ik vorige maand heb gedownload voor gebruik op de TomTom van pas. Het bezoekerscentrum van het park opgezocht bij Nuttige Plaatsen, en op weg erheen. Voorspoedig liep de reis, en we waren toch wel heel erg blij dat we dit bestandje hadden gedownload, aangezien ook hier de bewegwijzering van de Nationale Parken niet, om het zachtjes uit te drukken, optimaal te noemen was. Tot het moment dat Tommie voor de laatste keer meldde ‘Sla links af’, en we over een zandpad uitkeken, naar een oude vervallen stal. We keken elkaar aan, en spontaan kwam de titel van dit relaas bij ons beiden naar boven. Al hadden we toen de woordspeling nog niet bedacht.

Ook wij weten dat het overal wat minder gaat, en dat overheidsinstellingen minder geld te besteden hebben aan onderhoud, maar dit was toch wel erg overdreven te noemen. We weten niet wat hier gevestigd was, maar als we één ding wel wisten, was het wel het feit dat hier zeker geen bezoekerscentrum te vinden zou zijn. Ons plan om na 600 kilometer gereden te hebben nog een uurtje of anderhalf te gaan wandelen valt in duigen. We besluiten om richting het hotel te gaan, en aldaar uit te zoeken waar het bezoekerscentrum daadwerkelijk gevestigd is. Gelukkig is het hotel dat we hebben geboekt vlak bij de ingang van het Nationale Park te vinden, dus we zouden er op korte termijn moeten kunnen zijn.

Niet helemaal dus. Als we het adres in de GPS hebben ingevoerd, blijkt dat we op een ander schiereiland zitten, en dat we nog meer dan een uur naar het hotel moeten rijden. Weer klinkt er een: “Dat Maine je niet!” door de auto. We besluiten om op het gemak richting het hotel te rijden en onderweg hier en daar te stoppen, want hoe groot de domper ook is, het landschap dat we hebben doorkruist is wel heel erg de moeite waard.

Vlak bij het hotel vinden we inderdaad de ingang van het Nationale Park én het bezoekerscentrum. Het gedownloade bestand blijkt eigenlijk dus gewoon waardeloos te zijn. Als we bij het bezoekerscentrum arriveren, blijkt dat het al geruime tijd is gesloten. Zachtjes wordt er nog een keer vandaag gepreveld: “Dat Maine je niet…..”
Lees het verhaal
8 september 2014

Gaan naar daar waar iedereen ons kent

Soms slaat het in als een bom. Je hebt een geweldige dag gehad, en je weet niet wat te tikken. Meestal gebeurt zoiets als we al een paar weken onderweg zijn. Dat zoiets me op de tweede dag overkomt is nieuw, en ook nog eens totaal onverwacht.

De titel van het verhaal is niet zo moeilijk te verklaren voor degenen die iets ouder zijn dan wij en bekend zijn met de serie Cheers. De titelsong van deze serie, die zich in een café in Boston afspeelt, eindigt met de zin “You want to go where everybody knows your name”, oftewel je wilt gaan naar daar waar iedereen je kent. Natuurlijk worden wij daar nieuwsgierig van, en in de verwachting dat men ons uitgebreid zou staan te begroeten op het moment dat wij in het zicht van de beroemde bar zouden komen, baanden we ons een weg door het oudste park van de Verenigde Staten naar Cheers. Een teleurstelling overkwam ons in een dusdanige grootte dat het Empire State Building vergeleken daarbij klein is. Niets van:” Hey Paul! Hey Marieke! Hoe is het met jullie?” Eigenlijk hadden we dat ook wel kunnen weten, aangezien veel van hetgeen op TV te zien is, nep is.

Dan maar op pad naar de Boston Freedom Trail. Deze wandeling leidt je langs alle bezienswaardigheden van Boston. Voor de geschiedkundigen onder ons, is dit een waar snoepreisje te noemen. Voor de rest, waaronder wijzelf, is dit gewoon een leuke wandeling aangevuld met een beetje geschiedenis over hetgeen je te zien krijgt. De wandeling die aangegeven wordt, door een rij rode bakstenen in de grond leidt je op het einde naar het letterlijke hoogtepunt van deze rondtocht. Na het beklimmen van 294 traptreden krijg je een fraai overzicht over Boston te zien.

De grote onbekende wachtte op het einde van de dag op ons. We hadden namelijk voor de eerste keer zelf een geocache evenement georganiseerd. Gewoon een simpel ‘Meet & Greet’ samenzijn van mensen met dezelfde hobby. Van te voren hadden we geen idee hoeveel mensen er op af zouden komen. Al snel na het op internet bekendmaken van dit evenement kwamen de eerste aanmeldingen. Uiteindelijk kwamen vanavond 11 mensen opdagen. En plots beseften we dat we de plek in Boston waar iedereen ons kent gevonden hadden.
Lees het verhaal
7 september 2014

Planes, Trains & Automobiles

Vandaag weer op weg naar de VS. Voor de 6e keer om precies te zijn. Deze ochtend in alle vroegte richting Schiphol gereden om daar langzaam maar gestaag op weg te gaan naar Boston. We hadden geen idee wat ons te wachten stond, aangezien de regels omtrent de elektronica voor degene die zijn weg naar Amerika wil zoeken wederom veranderd zijn. Gelukkig voor mij, wist ook de douanier niet wat hem te wachten stond, toen hij vroeg of ik alles wat ook maar enigszins op een kabel leek apart in een bakje wilde leggen. Ik verzocht hem om het kleine bakje dat hij mij aanreikte om te wisselen naar twee grotere bakken, waardoor hij een beetje verward uit zijn ogen ging kijken. Toen de laptoptas van de kabels was ontdaan, waren de twee bakken vol. Enthousiast vertelde ik de douanier dat ik nu klaar was om aan de volgende tas te beginnen. Nog net niet naar adem snakkend reikte hij weer twee grote bakken aan, waarop ik hem verzocht om er nog een paar meer aan te geven. ‘Komt er nóg meer?’, stamelde hij verbaasd, terwijl zijn blik afdwaalde naar de achter mij groeiende rij met mensen. ‘Sommige hobby’s komen nu eenmaal met veel kabels’, antwoordde ik, en stoïcijns ging ik door met het uitpakken van mijn tas. Uiteindelijk toch vlotjes door de veiligheidscontrole heen gekomen en voordat we het wisten zaten we in het vliegtuig op weg naar Boston.

De vlucht verliep voorspoedig, en voordat we het wisten zagen we de Amerikaanse vlag al wapperen op het vliegveld. Na een korte sanitaire stop, was het aansluiten in de rij en na vijf kwartier stonden we bij een niet zo vriendelijke vrouwelijke douanier, die voor ons al verschillende mensen terugstuurde om vage redenen, de gebruikelijke vragen te beantwoorden. Marieke eerst.
Douanier: ‘Werk?’
Marieke: ‘Ambtenaar.’
Douanier: ‘Vind je dat leuk?’
Marieke: ‘Ja.’
Douanier: ‘Ik niet.’
Na het afstaan van een kopie van de 10 geboden, was het mijn beurt.
Douanier: ‘Werk?’
Ik: ‘Verpakkingsindustrie.’
Douanier: ‘Dat doet mijn man ook. Maak jij ook van die verpakkingen die je niet open krijgt?’
Ik: ‘Misschien een mes gebruiken?’
Douanier: ‘Is een goed plan. Veel plezier in de VS.’

Tot zover dus de Planes in dit verhaal, dan de Trains, al moet ik wel zeggen, dat chronologisch gezien nu eerst de auto’s zouden komen, maar als ik me daaraan zou houden, strookt het verhaal niet meer met de naar de film genoemde titel van dit verhaal. Maar aangezien dat sommigen toch al denken dat ik niet spoor, is de stap naar het tweede deel niet zo heel groot. Treintjes dus. Afgelopen week was ik op zoek naar geocaches die ‘hot’ waren. Daarbij viel mijn oog op een cache in het plaatsje Needham, vlak in de buurt van Boston, genaamd The Depot. Foto’s die hierbij waren geplaatst, toonden miniatuurbouwwerkjes, en een grote modelspoorbaan. En dat allemaal midden in de bossen. Genoeg reden dus om dat deze middag eens met eigen ogen te gaan bewonderen. Al snel zagen we de eerste bewaker, gewapend met een heus kanon, staan om al dit fraais te beschermen.

Is het iets om speciaal voor deze kant op te gaan? Nee, absoluut niet. Was het de moeite van het bezoeken waard? Absoluut wel. We hebben genoten, en dit was ideaal om een korte tijd te overbruggen tussen vliegtuig en diner.

Tja, en dan de auto. Om eerlijk te zijn, droom ik al jaren van een ‘echte’ Amerikaan om mee rond te toeren. Nimmer hadden we de kans, tot vandaag. Ééntje stond er te pronken in de rij van auto’s waaruit we mochten kiezen. Niet een Chevrolet Impala of een andere burgermansauto, maar een heuse Dodge Charger. Zo’n geweldige Muscle Car, zo’n benzineslurper, zo’n auto waarbij je bij het zien ervan denkt, ‘dit is één van de redenen waarom ik naar Amerika wil gaan.’
Lees het verhaal
1 oktober 2013

Tell & Lacey

Vandaag waren de weergoden ons erg goed gezind. Een zonnetje, prima temperatuur en geen wind. Een uitgelezen dag om te gaan schieten. Iets dat al erg lang op mijn verlanglijstje staat om tenminste eens in je leven meegemaakt te hebben. In ons kleine kikkerlandje komt er dit niet van omdat het moeilijk is om een betrouwbare en betaalbare schietbaan te vinden. Bovendien is buiten schieten ook nog iets anders dan op de schietbaan. Rob en Tracy weten al langer van deze wens, dus indien mogelijk zouden we dit jaar gaan schieten. Voor Paul is het niet zo zijn ding, maar wil mij met alle liefde gezelschap houden. Zo gezegd, zo gedaan. En na de auto volgepakt te hebben met schietschijven, kogels en uiteraard de diverse wapens op weg naar het gebied waar geschoten mag worden. Het was vandaag niet druk, dus sta/zit je elkaar niet in de weg en heb je geen last van rondvliegende kogels. Dit laatste is zowieso geen probleem, want er gelden duidelijke afspraken. Je laat de ander weten als je naar je schietschijven wilt lopen en andere hobbyisten houden keurig hun wapens gedeisd totdat het ‘sein’ weer op groen gaat.

Om te beginnen hebben we met een geweer geschoten. Om het wat makkelijker te maken, wel vanuit de luie stoel, zodat ik dit toch wel zware wapen niet vast hoef te houden. Na enige oefening, is het me gelukt om de \’metalen\’ beestjes de spreekwoordelijke nek om te draaien. Uiteraard metalen-beestjes want daarvoor zijn we net iets teveel dieren-liefhebber. (Op die ene eekhoorn na, maar daarover later meer…). Nadat ook Paul nog een aantal magazijnen leeggeschoten had, was het tijd om een ander wapen ter hand te nemen.

Op naar het eerste pistool. Een .22. Een redelijk licht wapen, dat zelfs voor mijn beperkte spierbundels te hanteren is. De terugslag viel enigszins mee, en na enige oefening lukte het ook hier om de schietschijf in het midden te raken. Natuurlijk was een bulls-eye teveel gevraagd van het goede. De mensen naast ons waren inmiddels aan het schieten met zwaarder geschut en dat maakte dat ik erg blij was met de blitse roze oorbeschermers.

Het beste hadden we voor het laatst bewaard, zoals dat hoort. Rob had nog een Glock in de aanbieding. Eén van een zwaarder kaliber dan wij in Nederland gewend zijn. Met grotere kogels, meer geluid en de daarbij behorende sterkere terugslag. Uiteraard was ik hierop voorbereid, maar je weet niet op welk moment die gaat komen en daardoor komt het toch nog onverwachts. Na het schot gelost te hebben stond het wapen niet meer horizontaal, maar verticaal. Dat zal wel niet de bedoeling zijn, en ik heb het met dit wapen dan ook maar bij één poging gehouden. Maar gek genoeg was die poging wel mijn beste pistoolschot van de dag. Hiermee is een wens in vervulling gegaan en indien de kans zich voordoet, ga ik graag nog een keer op herhaling.

_________________________________________________________________________

Voor mij geen aspiraties om Lacey te versterken als ze op pad gaat. Bovendien dient Lacey vergezeld te worden door haar vrouwelijk partner Cagney. En aangezien ik de laatste keer dat ik heb gecheckt niet aan het genoemde criterium van vrouw voldeed, ben ik blij dat Rob & Tracy ook de mogelijkheid boden om ver terug in de tijd te gaan. De middeleeuwen om precies te zijn. Na het schieten met vuurwapens gingen we op weg naar de schietbaan voor de klassieke pijl en boog. Alhoewel klassiek. Het monster waarmee geschoten diende te worden, zag er alles behalve klassiek uit. Het was een model dat ik in Nederland nog nooit gezien hebt. Volgens mij zou je er in een gemiddelde actiefilm niet mee voor schut lopen.

Nu is het om goed en gericht te schieten niet echt verstandig om te doen alsof je in een actiefilm speelt. Veel te gevaarlijk ook nog bovendien. Nee, dit is ander koek dan schieten met een pistool, waarbij het ‘slechts’ een kwestie is van mikken en de trekker overhalen. Dit vergt spierkracht gecombineerd met opperste concentratie en een gebalanceerde ademhaling.

Na een gedegen uitleg over hoe het allemaal werkt, werd het tijd om het eerste schot te lossen. De afstand tot de roos? Iets meer dan negen hele meters. Ik zag mezelf de pijl al mijlenver overschieten, maar nee, wonder boven wonder raakte ik het doel. En nog eens niet zo slecht ook. Na een paar pijlen geschoten te hebben, vond Rob het tijd om de boog iets beter af te stellen. Opnieuw schieten, maar nu van een dubbele afstand. Wonder boven wonder ging ook dit boven verwachting goed, en had ik het lef om de afstand tot 30 yard te vergroten. Hoewel ik nu toch al een behoorlijk aantal pijlen had afgeschoten, verbaasde ik me over het feit dat het spannen van de boog me, gevoelsmatig, minder kracht kostte dan de eerste keren. De pijlen bleven netjes doel treffen in de gewenste groepjes, en na de 40 yard, werd besloten om de afstand te vergroten tot 60 yard (iets meer dan 55 meter). Het doel was nu toch wel behoorlijk ver weg, en ik verwachtte dan ook dat het nu toch echt tijd werd dat ik het doel zou gaan missen. Niets was minder waar.

Ondertussen was Rob gezellig tezamen met mij aan het schieten, toen hij achter zich een eekhoorn spotte op 63 yard (57.6 meter), zittend op een betonnen rand. Hij besloot om een poging te wagen. Op het moment dat Rob de boogpees losliet, floot Tracey. De eekhoorn schrok hiervan op, en daardoor miste Rob op een haar na de eekhoorn. Drie man blij dat het beestje vanavond gewoon weer met zijn kinderen kan spelen. Één man balend over het feit dat zijn pijl gebroken was op het beton.

Vol zelfvertrouwen vroeg ik aan Marieke of ze het fruit uit de auto wilde halen, en een appel op haar hoofd te zetten. De laatste keer dat Marieke heeft gecheckt, was ze niet mijn zoontje. Dus kon ik het vergeten om voor Willem Tell te spelen.
Lees het verhaal
30 september 2013

Waar een Willis....

Wie kent er ondertussen niet het verhaal van Marieke en haar poging om Bruce Willis te imponeren? Velen waren destijds behoorlijk geschrokken van deze belabberde poging, die de heer Willis niet dusdanig onder de indruk liet zijn, dat hij haar even met een bezoekje kwam vereren in het ziekenhuis in zijn geboorteplaats Idar-Oberstein. Diezelfde mislukte poging deed haar een half jaar later, terwijl we in Spanje vertoefden, besluiten om niet ondergronds te gaan en de grotten van Nerja te bewonderen. Te gevaarlijk werd er door Marieke geoordeeld. Zodoende en zodus is het nu ruim anderhalf jaar geleden dat Marieke een trap afdaalde om op die manier het daglicht achter haar te laten. Maar ze wist dat eens de dag zou moeten komen dat ze daadwerkelijk die stap over die drempel zou moeten zetten, om zodoende weer af te kunnen dalen in Moeder Aarde. Vandaag was de dag. Gelukkig was dit niet voorbereid, anders zouden wellicht de zenuwen al lange tijd door haar keel gegierd hebben.

Afgelopen zaterdag hebben we de strandvakantie voor dit jaar achter ons gelaten, en zijn we het binnenland van Californië ingegaan om een paar dagen uit te rusten en bij te tanken in Cottonwood. Iets wat de meesten wellicht precies andersom zouden doen, maar goed, we zijn wel vaker tegendraads geweest, dus waarom niet zo? Helaas voor ons, werkt het weer niet echt mee. De wind giert door de bomen de laatste dagen, en de dreiging van regen is dusdanig groot, dat het niet verstandig is om buiten dingen te gaan doen. Gelukkig voor ons, herbergt het huis van Rob & Tracy meer dan genoeg bordspelletjes, om de tijd toch nuttig mee door te komen.

Vanmorgen werd er na een kort overleg besloten om de grotten van Shasta met een bezoekje te vereren. De internetsite zag er schitterend uit, en de rit van 45 minuten erheen was, alhoewel deze over de snelweg leidde, de moeite waard. Eenmaal bij de grotten aangekomen, vroeg de dame aan de balie of één van ons problemen had met trappen. Vol overtuiging werd de vraag door ons allen met nee beantwoord. Ook stond het Shastameer dusdanig laag, dat er in totaal maar liefst 800 meter extra gelopen diende te worden.

Aangezien ook dit voor ons geen enkel probleem was, werden de tickets betaald, en gingen we, na een korte tijd gewacht te hebben, op weg naar de eerste stop. De aanlegsteiger van de boot. Deze bracht ons naar de overzijde van het meer, alwaar we weer omhoog dienden te wandelen naar de tweede stop. De bushalte. De buschauffeur was zo vriendelijk om even op ons te wachten, zodat we ondertussen even een geocache konden loggen. De bus bracht ons een heel stuk omhoog, naar de ingang van de grotten. Onderweg konden we genieten van een schitterend uitzicht over het meer. Eenmaal in de grotten leidden vele traptreden ons naar fraaie locaties binnenin de grotten.

Waarschijnlijk was Marieke zo onder de indruk van al dit fraais, dat het geen moment bij haar is opgekomen om Bruce Willis te imponeren. Ik ben ervan overtuigd dat velen opgelucht adem zullen halen als ze weten dat zelfs de kapitein van de boot zo blij was dat Marieke heelhuids terug was, dat hij stond te juichen op de loopplank van zijn boot.
Lees het verhaal
27 september 2013

Sacramento

Tikkerdetikkerdetik. Tiktdetikkertikkerdandetikkertikt?. Tiktikkertik. Tiktik. Alsmaar tiktikken om dat busje hier links voorbij te tiktikken. Tiktik. Tiktikkertik. Tiktdetikkerdandetikkertikt? Tikkerdetikkerdetik. Waarom moet je daarvoor tik-tikken vraag je je misschien af? Tikkerdetikkerdetik. Tiktdetikkertikkerdandetikkertikt?. Tiktikkertik. Tiktik. Eigenlijk heel simpel. Tiktik. Tiktikkertik. Tiktdetikkerdandetikkertikt? Tikkerdetikkerdetik. Als ik niet ,tiktik, voorbij het busje, dan kan ik geen, tikkertik, foto plaatsen. Tiktik. Tiktikkertik. Tiktdetikkerdandetikkertikt? Tikkerdetikkerdetik. Wel, ik kan het, tiktik, wel, maar er valt dan een, tikjetik, stukje weg. Tikkerdetikkerdetik. Tiktdetikkertikkerdandetikkertikt?. Tiktikkertik. Tiktik. En dat zou, tiktik, jammer zijn, nietwaar? Tiktik. Tiktikkertik. Tiktdetikkerdandetikkertikt? Tikkerdetikkerdetik. Iedere dag maar weer iets, tikgetikt, bedenken om voorbij die kl…-tiktik-te bus te tikken. Tikkerdetikkerdetik. Tiktdetikkertikkerdandetikkertikt?. Tiktikkertik. Tiktik. Gelukt….

Vandaag was het eerste doel om de grote inkopen voor thuis te doen. Met andere woorden winkelen. Nu weet iedereen die ons een klein beetje kent, dat winkelen bij ons geen dagtaak is. We weten wat we willen. Hoeveel we willen. Wat we daarvoor uit willen geven, en misschien nog wel het belangrijkste: Waar we dat denken te kunnen volbrengen. Gewoon een kwestie van plannen en voorbereiden of zoiets, en dan kun je de garderobe weer gemakkelijk aanvullen binnen twee uurtjes. Nog voldoende tijd blijft er dan over voor leuke dingen te doen. Zoals het bezoeken van een of ander stadje, genaamd Sacramento.

Nou ja, stadje… Twee keer Eindhoven, Tennessee is geen stadje te noemen. We zijn hier al in 2009 en in 2010 geweest, dus we verwachten niet veel nieuws onder de zon te zien. In elk geval hebben we maar twee doelen alhier. De eerste is het bezoeken van een spelletjeswinkel. Dat doel werd snel volbracht, en ook hier zijn we weer met lege handen naar buiten gegaan. Het wordt welhaast normaal om een spelletjeswinkel binnen te gaan en niets te kopen. Gelukkig komt Essen eraan volgende maand. Zeker weten dat het dan niet lukt. Het tweede doel, was het zoeken van een geocache die we in de eerder genoemde jaren niet konden vinden. Nu iets beter voorbereid aan deze queeste begonnen en al snel was het prijs en konden we onze naam op het papiertje bijkrabbelen. Geeft toch wel een voldaan gevoel om deze uiteindelijk als gevonden te kunnen noteren.

Hierna even een pitstop bij de Starbucks. Voor de ene duurde die wat langer dan voor de andere, maar dat hoort erbij, om vervolgens al geocachend op zoek te gaan naar nieuwe leuke plekjes in Sacramento. Al bij de eerste is het prijs. Het gerechtsgebouw. Werkelijk schitterende kleine bronzen beeldjes staan hier, geflankeerd door allemaal wijze uitspraken over het recht. Verder naar de volgende, en we vallen van de ene verrassing in de andere. Dan is het weer op een schitterende manier verstopt, dan staat er plotseling weer een fraai beeld. Nee, het is en blijft een feit. Geocachen laat je leuke plekjes zien, waar je anders zo aan voorbij zou lopen.

Als laatste nog een korte pitstop bij de Starbucks. Als ik een cappuccino bestel, zegt de dame aan de kassa: “Another cappuccino? Do you have to drink them all by yourself?” De legendarische woorden van de bekende grijze filmster flitsen door mijn hoofd. “Nespresso…”. Zou de dame in kwestie denken dat ik hem ben? Maar dan bedenk ik dat dat niet juist is, maar dat het “How else?” dient te zijn. Bijna…

Langzaamaan komen we dichter bij Cottonwood. Morgenmiddag worden we daar \’verwacht\’. Eerst hebben we nog een paar dingen te doen. Zo moet er nog cacheonderhoud gepleegd worden bij enkele van de door ons hier in de omgeving geplaatste geocaches. Vervolgens willen we nog even ons maandrecord, van meest in een maand gevonden aantal geocaches, verpulveren. Ook ligt er hier vlakbij nog een oude cache, geplaatst in September 2000. Dat is een maand die nog niet voorkomt in onze Jasmer-matrix (ik verwacht niet dat iemand dit begrijpt, en ik verwacht ook niet dat iemand behoefte aan uitleg hierover wil hebben (zo wel, kom een keertje in Eindhoven, Tennessee langs zou ik zeggen en dan leg ik het met liefde en plezier persoonlijk allemaal aan je uit), dus dat doe ik dan maar ook niet), en we zodoende weer een vakje kunnen inkleuren. Als laatste hebben we nu al ruim drie jaar een munt in bezit. Deze heeft als doel om zo langzaam als mogelijk te reizen. De munt hebben we drie jaar geleden opgepikt tijdens het event dat Rob en Tracy voor ons hebben georganiseerd voor onze 1000e geocache. Nu wil het toeval dat morgenmiddag, enkele meters verder dan het event destijds, een geocaching evenement wordt georganiseerd. Ideaal dus, om deze munt enkele meters te laten reizen. En daarna? Op naar Rob, Tracy, Guiseppe, Sydney & Callie. We kijken er naar uit. Wel dien ik er even bij te zeggen, dat ik niet weet wanneer er weer een nieuw avontuur van ons gepubliceerd wordt. Misschien morgen, misschien overmorgen maar in ieder geval volgende week als we weer op weg naar huis gaan.

Tot tikkerdetiks.
Lees het verhaal
27 september 2013

Tikkerdetikkerdetik

Tikkerdetikkerdetik. Tiktdetikkertikkerdandetikkertikt?. Tiktikkertik. Tiktik. Alsmaar tiktikken om dat busje hier links voorbij te tiktikken. Tiktik. Tiktikkertik. Tiktdetikkerdandetikkertikt? Tikkerdetikkerdetik. Waarom moet je daarvoor tik-tikken vraag je je misschien af? Tikkerdetikkerdetik. Tiktdetikkertikkerdandetikkertikt?. Tiktikkertik. Tiktik. Eigenlijk heel simpel. Tiktik. Tiktikkertik. Tiktdetikkerdandetikkertikt? Tikkerdetikkerdetik. Als ik niet ,tiktik, voorbij het busje, dan kan ik geen, tikkertik, foto plaatsen. Tiktik. Tiktikkertik. Tiktdetikkerdandetikkertikt? Tikkerdetikkerdetik. Wel, ik kan het, tiktik, wel, maar er valt dan een, tikjetik, stukje weg. Tikkerdetikkerdetik. Tiktdetikkertikkerdandetikkertikt?. Tiktikkertik. Tiktik. En dat zou, tiktik, jammer zijn, nietwaar? Tiktik. Tiktikkertik. Tiktdetikkerdandetikkertikt? Tikkerdetikkerdetik. Iedere dag maar weer iets, tikgetikt, bedenken om voorbij die kl…-tiktik-te bus te tikken. Tikkerdetikkerdetik. Tiktdetikkertikkerdandetikkertikt?. Tiktikkertik. Tiktik. Gelukt….

Vandaag was het eerste doel om de grote inkopen voor thuis te doen. Met andere woorden winkelen. Nu weet iedereen die ons een klein beetje kent, dat winkelen bij ons geen dagtaak is. We weten wat we willen. Hoeveel we willen. Wat we daarvoor uit willen geven, en misschien nog wel het belangrijkste: Waar we dat denken te kunnen volbrengen. Gewoon een kwestie van plannen en voorbereiden of zoiets, en dan kun je de garderobe weer gemakkelijk aanvullen binnen twee uurtjes. Nog voldoende tijd blijft er dan over voor leuke dingen te doen. Zoals het bezoeken van een of ander stadje, genaamd Sacramento.

Nou ja, stadje… Twee keer Eindhoven, Tennessee is geen stadje te noemen. We zijn hier al in 2009 en in 2010 geweest, dus we verwachten niet veel nieuws onder de zon te zien. In elk geval hebben we maar twee doelen alhier. De eerste is het bezoeken van een spelletjeswinkel. Dat doel werd snel volbracht, en ook hier zijn we weer met lege handen naar buiten gegaan. Het wordt welhaast normaal om een spelletjeswinkel binnen te gaan en niets te kopen. Gelukkig komt Essen eraan volgende maand. Zeker weten dat het dan niet lukt. Het tweede doel, was het zoeken van een geocache die we in de eerder genoemde jaren niet konden vinden. Nu iets beter voorbereid aan deze queeste begonnen en al snel was het prijs en konden we onze naam op het papiertje bijkrabbelen. Geeft toch wel een voldaan gevoel om deze uiteindelijk als gevonden te kunnen noteren.

Hierna even een pitstop bij de Starbucks. Voor de ene duurde die wat langer dan voor de andere, maar dat hoort erbij, om vervolgens al geocachend op zoek te gaan naar nieuwe leuke plekjes in Sacramento. Al bij de eerste is het prijs. Het gerechtsgebouw. Werkelijk schitterende kleine bronzen beeldjes staan hier, geflankeerd door allemaal wijze uitspraken over het recht. Verder naar de volgende, en we vallen van de ene verrassing in de andere. Dan is het weer op een schitterende manier verstopt, dan staat er plotseling weer een fraai beeld. Nee, het is en blijft een feit. Geocachen laat je leuke plekjes zien, waar je anders zo aan voorbij zou lopen.

Als laatste nog een korte pitstop bij de Starbucks. Als ik een cappuccino bestel, zegt de dame aan de kassa: “Another cappuccino? Do you have to drink them all by yourself?” De legendarische woorden van de bekende grijze filmster flitsen door mijn hoofd. “Nespresso…”. Zou de dame in kwestie denken dat ik hem ben? Maar dan bedenk ik dat dat niet juist is, maar dat het “How else?” dient te zijn. Bijna…

Langzaamaan komen we dichter bij Cottonwood. Morgenmiddag worden we daar \’verwacht\’. Eerst hebben we nog een paar dingen te doen. Zo moet er nog cacheonderhoud gepleegd worden bij enkele van de door ons hier in de omgeving geplaatste geocaches. Vervolgens willen we nog even ons maandrecord, van meest in een maand gevonden aantal geocaches, verpulveren. Ook ligt er hier vlakbij nog een oude cache, geplaatst in September 2000. Dat is een maand die nog niet voorkomt in onze Jasmer-matrix (ik verwacht niet dat iemand dit begrijpt, en ik verwacht ook niet dat iemand behoefte aan uitleg hierover wil hebben (zo wel, kom een keertje in Eindhoven, Tennessee langs zou ik zeggen en dan leg ik het met liefde en plezier persoonlijk allemaal aan je uit), dus dat doe ik dan maar ook niet), en we zodoende weer een vakje kunnen inkleuren. Als laatste hebben we nu al ruim drie jaar een munt in bezit. Deze heeft als doel om zo langzaam als mogelijk te reizen. De munt hebben we drie jaar geleden opgepikt tijdens het event dat Rob en Tracy voor ons hebben georganiseerd voor onze 1000e geocache. Nu wil het toeval dat morgenmiddag, enkele meters verder dan het event destijds, een geocaching evenement wordt georganiseerd. Ideaal dus, om deze munt enkele meters te laten reizen. En daarna? Op naar Rob, Tracy, Guiseppe, Sydney & Callie. We kijken er naar uit. Wel dien ik er even bij te zeggen, dat ik niet weet wanneer er weer een nieuw avontuur van ons gepubliceerd wordt. Misschien morgen, misschien overmorgen maar in ieder geval volgende week als we weer op weg naar huis gaan.

Tot tikkerdetiks.
Lees het verhaal
26 september 2013

Oceaan

Vandaag de tweede dag in Point Reyes National Seashorse. Eigenlijk hadden we voor vandaag andere plannen, namelijk het bezoeken van twee stranden, die zoals de foto’s deden vermoeden de moeite van het bezoeken waard waren. Maar gisteren hadden we al besloten dat deze stranden zullen moeten wachten tot een volgende reis, aangezien Point Reyes ons dermate kon bekoren, dat we er nog een dagje van wilde genieten. En we hebben niet het idee dat de stranden weg zullen drijven, dus kunnen die best voor een later moment bewaard worden. Er moet immers nog iets te wensen over blijven. Na gisteren de schitterende Lagune gezien te hebben, waren we zeer benieuwd wat voor moois we deze dag voorgeschoteld zouden krijgen. Na een kort bezoek aan het bezoekerscentrum zuidwaarts gereden naar de vuurtoren. Dit is het bekendste plekje van het park en prijkt dan ook op veel souveniers. De weg ernaartoe was wat winderig, ondanks dat er minder wind stond dan gisteren. De temperaturen bleven wel onder die van gisteren hangen. Boven op het platform aangekomen met zicht op de vuurtoren, hebben we zelf kunnen ervaren dat dit het meest winderige stukje langs de oceaan is. Maar ook hier gold, het uitzicht was fantastisch. De oceaan was vanaf dit punt opmerkelijk rustiger dan van beneden afgezien.

Na een paar foto’s geschoten te hebben, weer terug richting auto om een volgende wandeling te gaan doen. Onderweg zijn we nog twee jonge wampities tegen gekomen. Dit zijn niet de enige dieren de we vandaag hebben mogen zien. Ook een verdwaalde olifanten-zeehond en een groep olifanten-zeehonden hebben we mogen aanschouwen. evenals vele mooie vogels. Als iemand als hobby ‘vogelen’ heeft, kan hij hier zijn hart ophalen (note van Paul: Voor onze Belgische lezers, Marieke bedoelt hier de Nederlandse betekenis van vogelen en niet de Vlaamse). 45% van alle voorkomende vogelsoorten in de VS komen in dit park voor.

De volgende wandeling bracht ons naar chimney-rock. Hier kon je echt merken dat je op het uiterste puntje land stond. Ook hier waaide het weer erg hard. De bordjes waarschuwen dat je niet te dicht bij de rand mag komen, het kan namelijk zo maar eens gebeuren dat je een paar passen naar voren geblazen wordt, waardoor je het idee hebt dat je over de oceaan kunt vliegen. Ik denk echter dat je bedrogen uitkomt en er van een zachte landing geen sprake meer is. Onze voeten dus maar even stevig op de grond gezet voor een foto te maken en vlug weer terug naar het eigenlijke pad. Op het einde van het pad stonden een paar bankjes en we vonden dit wel een mooi plekje voor het nuttigen van een kleine lunch. Het komt ten slotte niet iedere dag voor dat je kunt lunchen met uitzicht op de oceaan.

Ook het uitzichtpunt op de zeehonden hebben we maar even vluchtig bekeken. Er lagen inderdaad een aantal zeehonden, maar het aangezicht was lang niet zo fraai als langs Highway 1. Zo verwend als we zijn, mogen we dit toch wel concluderen. Waar ze bij Highway 1 aan onze voeten lagen, hadden we hier welhaast een verrekijker nodig. De wandelingen in dit park waren met tijden lastig te noemen. Het was niet zozeer de lengte ervan, als wel de zwaarte. We besloten om nog enkele korte stops te maken en vervolgens het park te verlaten. Een van de laatste stops, liet ons weer een heel ander landschap zien. Het laat zich het beste vergelijken met een patchwork deken, maar dan van diverse vetplanten tegen een heuvel geplakt met op de achtergrond de oceaan.

Moe maar zeker voldaan zijn we al cachend teruggegaan naar het hotel. Maar niet zonder een stop te maken bij de Starbucks om daar even op ons gemak een potje Haggis te doen onder het genot van een welverdiende cappuccino.
Lees het verhaal
25 september 2013

Stront aan de knikker

Het weer tijdens onze rondreis door de Verenigde Staten van Amerika, is niet het weer dat we doorgaans gewend zijn als we hier vertoeven. Niet dat we iets te klagen hebben, met temperaturen van om en nabij de 20 graden, maar toch. Eigenlijk is het over het algemeen zo van dat twijfelweer. Zo van zal ik wel of géén korte broek aandoen. Op de vier dagen rondom Palm Springs na (waar het kwik dagelijks boven de 40 graden uitkwam), heb ik gekozen voor géén korte broek. Voordeel van het weer dit jaar, is wel dat we tot op heden (ik klop nu even af onder aan het bureau waar ik aan zit, in de hoop dat de onderkant daarvan ongelakt is.), nog geen druppel regen hebben gehad. Andere jaren hebben we altijd wel een dag regen. We kunnen alleen maar hopen, dat die ongein ons ook de laatste week zal blijven bespaard. En de temperaturen? Laat die ook maar zo. Is eigenlijk best wel ideaal weer. Alhoewel het vandaag toch wel heel erg hard waaide. Morgen voor de zekerheid toch maar een shirt met lange mouwen in de rugzak.

Zoals gezegd, de wind waaide nogal stevig vandaag. Ideaal om een dagje naar de kust te gaan. Point Reyes National Seashore om precies te zijn. Tot een paar dagen voordat we vertrokken in Nederland, hadden we nog nimmer van dit park gehoord. We besloten om, na het zien van een paar foto’s, een bezoek aan dit park, indien het zo zou uitkomen, in te passen in onze trip van dit jaar. De verwachtingen van hetgeen we hier voorgeschoteld zouden krijgen, waren dan ook zo ongeveer van het niveau nulkommanul.

Na een bezoekje aan het bezoekerscentrum te hebben gebracht, waar we van een hele enthousiaste parkmedewerker advies kregen over hetgeen we zeker moesten gaan bekijken, gingen we op pad. We besloten om eerst het noordelijke deel van het park te doen. Eerste stop was een lagune. Zonder verwachtingen parkeerden we de auto, en gingen we op pad naar…. Tja, dat zouden we vanzelf wel te zien krijgen.

De foto hierboven spreekt voor zichzelf denk ik. De contrasten tussen de kleuren waren enorm. Zelden heb ik ergens het water zo blauw gezien. Waarschijnlijk net zo vaak, heb ik de waterplanten zo groen gezien. Nog nooit zag ik deze explosie van kleuren afgezet met het beige van zandduinen, gemarkeerd met een vleugje bruin van verdord riet. En daarbij op de achtergrond een oceaan, maakt het allemaal wel tot een héél bijzonder geheel. Nee, dit was genieten van iedere stap die gezet werd. Het ‘geluk’ werd helemaal compleet, toen een otterfamilie besloot om speciaal voor ons, een paar minuten in het zand te gaan liggen zonnen. Nu hebben we al wel vaker otters gezien, maar nog nooit in het wild. Wat dat betreft konden we hier ons hart uitleven. Vele vogelsoorten hebben we hier vandaag mogen zien. Van een kolibrie tot een havik. Op het einde van de dag zagen we zelfs nog diverse Wapiti’s (de op de eland na, het grootste rendiersoort).

We besluiten om morgen hier terug te gaan, om dan het zuidelijk deel van het park te bekijken, maar eerst gaan we nog een strandwandeling maken. Voor ons, niet de meest gebruikelijke bezigheid, maar we genieten ook hier van de bijzondere natuur die hier geboden wordt. Ook duidelijk is aan de golven hier te zien, dat het toch wel erg hard waait vandaag.

Om kort samen te vatten kan ik eigenlijk alleen maar zeggen dat we vandaag, zeer onverwacht, genoten hebben van een schitterend stuk natuur. Het liefste zou ik met deze zin willen afsluiten, maar ik weet zeker dat er verschillende mensen op deze aardbol rondwandelen die zeer nieuwsgierig zijn naar de titel. Mensen die dachten bij het lezen:”O nee, wat nu wéér!” Die mensen kan ik gewoon gerust stellen met ons niets. Met wie dan wel? Geen idee, maar toch maar even uitleggen. Op het moment dat we bijna bij de auto terug waren na de eerste wandeling van vandaag, zien we twee brandweerwagens met zwaailichten voorbij racen richting het onbekende. Een vijftal minuten later gevolgd door nog twee andere brandweerwagens. Toen we in de auto reden op weg naar de volgende wandeling, werden we ingehaald door een politiewagen. Korte tijd later, zagen we tijdens een fotostop een helikopter landen bij een boerderij in de verte. Wat er precies aan de hand was, weten we niet. Wel was duidelijk dat er stront aan de knikker was. Het enigste wat we nog nodig zouden hebben, om ons verhaal van de dag af te sluiten was een bijpassende foto. Dat was bijna gelukt. Jammer dat ik geen knikker kon vinden.
Lees het verhaal
24 september 2013

Park-park

Nooit gedacht dat het zesendertighonderzevenendertig komma één kilometer rijden zou zijn van het vliegveld van San Francisco, naar het begin van de Golden Gate Brug. Ook was het best wel spannend, want de TomTom gaf aan dat er tol betaald diende te worden. De ervaring van de eerste keer in de VS rondrijden met een auto over een tolweg zit dan nog vers in het geheugen. Ik hoop dan ook vurig dat ik over de juiste baan rij als er betaald dient te worden, en niet zoals in het 2006, het eerder genoemde jaar, toen ik over de fasttrack reed, en met geen mogelijk van rijbaan kon wisselen. Destijds was het gevolg dat ik voor het gebruik van enkele kilometers tolweg, het volle pond diende te betalen voor de complete tolweg. Maar hoe goed ik ook oplette, ik zag nergens ook maar een tolpoortje of iets dergelijks staan. Met het idee van het zal wel, reed ik de Golden Gate Brug op. Gewoon een brug zoals zovele andere, maar toch. Die overbekende, gigantische oranjerode pijlers met de mansdikke staalkabels geven een toch wel speciaal gevoel als ik over de middelste baan rijd. Nog net niet King of the Road, maar toch. Het heeft wel iets. In ieder geval een stuk specialer voor mijn gevoel, dan over het voetpad wandelen.

Hierna door naar Muir Woods National Monument. Hier hadden we al wat aardige foto’s van gezien op internet, en we wisten dat we hier grote bomen te zien zouden krijgen. Net zoals in 2009 in Redwood National Park. In 2009 vielen de grote bomen toch wat tegen op het moment supréme zelf, maar achteraf was het toch wel een hele indrukwekkende ervaring. Een soortement van herhaling dus zeg maar. Als eerste het verplichte aandenken aangeschaft, en vervolgens entree betaald, voor dit hele drukke park. En eerlijk is eerlijk, het moment supréme van 2013, is hetzelfde als dat van 2009.

Inderdaad, het valt tegen. Duidelijk is te merken dat dit park op korte afstand van de Bay-area ligt, en dat het ideaal is voor toeristen om de grote Redwood bomen, die wel 115 meter hoog kunnen worden, te zien. De paden zijn afgezet met hekken. Overal hangen bordjes dat niet van de bebaande (lees: geasfalteerde) paden mag worden afgeweken. Waar je ook kijkt, overal zie je mensen. Bij de ingang had ik al een donkerbruin vermoeden van hoe het zou zijn, want er werd geen uitleg gegeven. Hier moest afgerekend worden. Verder niet zeuren, hup de volgende in de rij. Er waren drie wandelingen te doen over de bebaande paden. De langste was anderhalf uur. We besloten om die maar te gaan lopen, en daarna wel weer verder te zien. We gingen op pad in wat we maar noemden een park-park.

Na iets meer dan drie kwartier wandelen en toch wel genieten van het fraaie licht tussen de hoge bomen, komen we op een splitsing. Hier staat een bord, en die geeft nog een paar andere wandelingen aan. We besluiten om een route te lopen die het geheel met anderhalf zou verlengen. Als we een kwartiertje op dit pad lopen, zien we de hekken verdwijnen. Mensen zien we al een tijdje niet tot nauwelijks meer. We passeren een bordje dat we Muir Woods National Monuments verlaten.

De navigatie geeft geen paden aan, maar dat is niets nieuws onder de zon in de parken. Het licht is nog even fraai, maar hier kun je wel net dàt ene stapje verder naar links zetten om de foto te maken die je wilt maken. De paden worden ondertussen ook minder vlak, en geasfalteerd zijn ze ook al een tijdje nier meer. Naarmate de tijd vordert, worden de paden smaller. Hier heb je het idee dat je in een bos loopt in plaats van in een park. Hier is het pas echt genieten.
Lees het verhaal
23 september 2013

Olifant-zeehond op herhaling

Vandaag vervolgen we onze weg over de Highway 1, langs de kust. Het rijden van deze bochtige weg, is op zich al een hele ervaring. In 2006 hebben we ook een stuk over deze weg gereden, totdat ik te veel last kreeg van wagenziekte en we er uiteindelijk toch vanaf konden en onze weg via de snelweg konden vervolgen. Maar deze reis ging het een stuk beter. Lang leve de acustraps van de ANWB. Deze wonder-polsbandjes zouden ervoor moeten zorgen dat je geen last meer had van wagenziekte. Het klinkt als een fabel, maar ze werken perfect. Maar goed, we dwalen door dit reclameblokje af, van onze werkelijke reis.

Het ene uitzichtpunt dat we passeren is nog mooier dan het andere. Dus met regelmaat de auto uit voor een foto-stop en als het even kan ook nog een cache meepikken. Dit is ons een aantal keren gelukt, zodat we zachtjes aan richting de 2100ste gevonden cache gaan.

Anderhalve week geleden hebben we deze weg ook gereden en werden toen verrast door de zeehonden-kolonie die op het strand lag te zonnen. Ook vandaag zijn we even gestopt om te kijken of ze nog altijd massaal op het strand lagen. En ja, ook vandaag waren ze thuis. Het blijft een leuk gezicht. De zeehonden dit hier liggen, zijn zogenaamde olifanten-zeehonden. Herkenbaar aan hun bijzonder ogende neus. Deze is veel platter dan van de doorsnee zeehond. Een beetje een Louis van Gaal look-alike zeg maar. Op het eerste gezicht is het niet altijd even goed te zien, maar bij het bestuderen van de foto’s is het wel degelijk waar te nemen.

Na wat leuke plaatjes geschoten te hebben, rijden we verder naar het Julia Pfeiffer Burns State Park. Onderweg merken we op, dat ook de zebra’s thuis zijn vandaag. We bekijken ze ditmaal vanuit de auto en vervolgen onze weg naar Julia Pfeifer. Dit park hebben we op de heenweg moeten laten schieten en dat vonden we toch wel jammer. De foto’s die we ervan gezien hebben, waren de moeite waard. Dus besloten we om vandaag dit park aan te doen. We hebben in ons leven al een aantal mooie watervallen gezien, maar nog nooit een die op het strand uitkomt en dan zo de oceaan in stroomt. Het was werkelijk prachtig.

Dat vonden meer mensen, want het was best druk en de parkeerplaats stond overvol. Om niet het idee te hebben dat we voor één foto het hele eind gereden hadden, hebben we nog wat meer van het park bekeken. Ook de tweede waterval in het bos was de moeite van de wandeling waard. Maar was natuurlijk minder bijzonder te noemen dan de eerste waterval.
Lees het verhaal
22 september 2013

Deense boter

De tijd vliegt, maar toch ook weer niet. De dagen zijn lang, en we zien weer ontzettend veel. Zo veel, dat we niet eens meer weten wat we twee weken geleden hebben gezien. Waarschijnlijk komt dat gedeeltelijk ook door het feit dat we vaak ‘s morgens geeneens weten wat we de volgende dag gaan zien. Twee weken zijn we nu alweer aan het rondtoeren, nog maar eventjes te gaan. Het programma dat we hadden gemaakt, is bijna helemaal afgevinkt. Dan moet ik er natuurlijk wel bij vertellen, dat het programma niet zo heel erg lang was. We laten onszelf liever verrassen door hetgeen wat er op ons pad komt. Neem nu als voorbeeld vandaag. Nadat we gisterenavond behoorlijk laat terug in het hotel waren na de wedstrijd van UCLA tegen New Mexico State, dienden we nog het hotel voor deze avond te boeken. We hadden globaal een paar ideeën. Één daarvan zou ons helemaal naar Santa Cruz leiden, maar eigenlijk vonden we dat te ver om te rijden op een dag. Aangezien we toch nog tijd genoeg hebben, besloten we om de etappe in tweeën op te splitsen. Zo gezegd, zo gedaan, en halverwege een hotel gezocht.

Nog steeds niet wetende wat we vandaag zouden gaan doen, gingen we onszelf ten ruste leggen. Deze ochtend de reisgids erbij genomen, in combinatie met google maps. Na wat gesleep en gescroll (fout Nederlands, ik weet het, maar vergeef me), zag ik een interessante naam voorbij komen op het scherm: Painted Cave. Marieke zocht het op in de reisgids, en we besloten dat dit onze eerste stop zou worden. En de eerlijkheid gebied te vertellen, dat deze stop de moeite waard was, ondanks dat je er binnen 5 minuten was uitgekeken.

Ander doel van vandaag was het loggen van onze 2000e geocache. Deze zouden we onderweg ergens doen. Hiervoor hadden we, ondanks dat het toch wel weer een mijlpaal is, niets bijzonders in gedachten. Toen Marieke Painted Cacve in de reisgids had opgezocht, viel haar oog op het stukje over Solvang. Een plaatsje dat in 1911 werd gesticht door Deense immigranten, en dat bijna geheel in Deense stijl was gebouwd. Dit zou onze tweede stop voor vandaag worden.

Toen we het plaatsje binnenreden, werden we verrast door het feit dat het zeer druk was. De kopie van De Kleine Zeemeermin, was bijna niet te zien. Nu weet iedereen dat het beeld dat origineel in Kopenhagen hoort te staan niet zo heel groot is, de versie die zich hier bevindt is nog kleiner. De drukte werd veroorzaakt doordat de Deense Dagen dit weekend gevierd werden. Een jaarlijks terugkerend evenement in Solvang, dat in het teken staat van de Deense folklore. We zijn weer eens met onze neus in de boter gevallen. Deense boter welteverstaan.
Lees het verhaal
21 september 2013

Onverwacht

Vandaag stonden twee dingen op het programma. Het eerste deel, was een foto maken van de Walt Disney Concert Hall, en het tweede deel omhelsde het bezoeken van een American Football wedstrijd tussen UCLA Bruins en New Mexico State in de Rose Bowl. Meest bijzondere van het tweede deel is waarschijnlijk nog wel dat het een idee van Paultje was.

Met betrekking tot het eerste deel, was misschien nog wel het meest opvallende dat bijna alles gesloten was. En dat voor een doodgewone zaterdag in een van de grootste steden van de Verenigde Staten. Het geheel gaf toch wel een klein beetje een absurde aanblik, en ik moet zeggen, dat ik toch wel blij was dat we uiteindelijk een plekje vonden waar we de warme hap voor vandaag naar binnen konden werken. Hetgeen daarvan dan weer behoorlijk onverwacht is, dat het ons gelukt is, om een voortreffelijke warme maaltijd inclusief drinken voorgeschoteld te krijgen voor het lieve bedrag van EUR4,23 per persoon.

Het eerste deel was zo gepiept, en aangezien het tweede deel pas om half acht ‘s avonds begon, hadden we nogal wat tijd tussen de twee over. Aangezien we totaal niets van Los Angeles wilden zien, besloten we ons door een aantal geocaches door Downtown L.A. rond te laten leiden. Zo gezegd, zo gedaan, en voordat we het wisten begon de tijd te dringen, en was het tijd om met de metro terug richting hotel te gaan. 15 keer hebben we onze naam gekrabbeld op een stukje papier, en ik mag toch wel zeggen dat in 14 van die gevallen we toch iets vonden vanwaar we een onverwacht fraai plekje konden bezichtigen in Los Angeles. Deze stad heeft ons vandaag aangenaam weten te verrassen met het tonen van een onverwachte schoonheid.

Inmiddels was het al 16.00 uur geworden en werd het zoetjes aan tijd om ons op te gaan maken voor onze eerste American Footballwedstrijd. Dat lijkt misschien wat overdreven, 3,5 uur voor aanvang van de wedstrijd, maar we wisten natuurlijk niet of het verkeer ons gunstig gezind was. Bovendien ging het parkeerterrein al om 13.30 uur open. We dachten dat dit niet voor niets zo vroeg geopend was, aangezien het stadion een capaciteit heeft van bijna 100.000 plaatsen. Bij het stadion aangekomen, werd het duidelijk dat we niet onder het betalen van 25 dollar uitkwamen om onze auto te stallen. Alle zijstraten waren vakkundig afgesloten, met voor ieder hek een mannetje of een vrouwtje. Nadat de auto een plekje gevonden had, zijn we richting stadion gegaan. Dat was nog zo’n 300 metertjes lopen. Bij de fanzone even rondgekeken en vervolgens hebben we onze ogen uitgekeken. Inmiddels was het etenstijd geworden en werden de BBQ’s uitgestald, de campingtafels neergezet, de TV’s aangesloten en al het etenswaar uitgepakt. Hier en daar werd nog een spelletje gespeeld, en op deze leuke manier kwamen de fans de tijd door totdat de wedstrijd ging beginnen. Wij keken er vreemd van op, maar het leek daar de gewoonste zaak van de wereld te zijn.

Rond de klok van 18.00 uur hadden we onze stoeltjes gevonden. We waren in het stadion aanbeland, inclusief flesje water en fototoestel. dat was allemaal geen enkel probleem. In eerste instantie leek het niet zo druk te worden, maar tegen 19.30 uur was het stadion toch voor driekwart gevuld. Alleen de goedkopere plaatsen waren nog niet geheel bezet. Na een indrukwekkend volkslied en een moment van stilte voor een recent overleden speler, kon de wedstrijd beginnen. Voor ons leken was het al lastig genoeg om in de gaten te houden waar de bal uithing. en voordat we het goed en wel in de gaten hadden, had ‘onze’ club al gescoord. Natuurlijk was ik niet te beroerd om even mee te juichen en ook het aanmoedigingsdeuntje zat er al snel in, hooligan als ik tenslotte een beetje ben.

We hebben ons prima vermaakt, en zijn een ervaring rijker, maar de eerlijkheid gebied te zeggen dat het toch wel een lange zit was op niet zo’n comfortabele bankjes zonder rugleuning. Daar komt nog bij dat het steeds kouder werd, naar gelang er meer mensen huiswaarts keerden. Na drie kwarten van de vier gespeeld te hebben, was het een gewonnen race voor de USCA Bruins en bleven de punten keurig in de Rose-Bowl. en hoewel het volkomen tegen mijn principes in is, om de club voortijd in de steek te laten, won de kou het van de principes en hebben we het einde niet afgewacht. Niet te min was het een leuke dag en een geweldige avond.
Lees het verhaal
20 september 2013

Op zoek naar de kleine oude vrouw

Velen zullen bij het lezen van de titel denken dat we om die te vinden geen 9000 kilometer van huis af dienen te zijn, maar dat we die heel gemakkelijk 2 hoog voor op minder dan 200 meter van onze voordeur kunnen vinden. Dat is inderdaad helemaal waar, maar wij wilden op zoek gaan naar een andere kleine oude vrouw. En niet zomaar eentje, maar juist die beschreven wordt in onderstaande songtekst.

And everybody’s saying that there’s nobody meaner

Than the little old lady from Pasadena

She drives real fast and she drives real hard

She’s the terror of Colorado Boulevard

Om heel eerlijk te zijn, denk ik dat bij de meesten geen belletje gaat rinkelen als ze de woorden lezen. Maar als ze de muziek erbij horen, dan wordt het ineens allemaal een stuk bekender. Daarom heb ik hieronder de video (met de songtekst zodat iedereen voluit mee kan zingen als ze nog niet helemaal bekomen zijn van Ameezing Eindhoven) geplaatst.

De kleine, gemene, snelle, oude scheurneus uit Pasadena dus. Tja, en bij het woord gemeen, weet iedereen al dat we niet de kleine oude vrouw vlak bij onze voordeur zoeken, want die voldoet totaal niet aan die omschrijving. En Pasadena ligt nu eenmaal ruim 9000 kilometer van onze voordeur vandaan, dus was het wel nodig om zover te reizen. Maar waar zouden we die terroriste kunnen vinden? Volgens de songtekst scheurt ze op en neer over de Colorado Boulevard. Wat is er dan gemakkelijker om dan een hotel te boeken, helemaal aan het begin (of aan het eind, het is natuurlijk maar van welke kant je het bekijkt) van die Colorado Boulevard? Niets eigenlijk. Leuke bijkomstigheid is dat aan diezelfde boulevard ook nog een spelletjeswinkel is gesitueerd.

Al met al leek het ons dat dit niet de meest moeilijk queeste is die we onszelf hebben opgelegd. Voldoende tijd over dus om nog andere leuke dingen te doen. Maar wat, want verder heeft deze regio (Los Angeles), niet zo heel veel naar onze goesting te bieden. Uiteindelijk viel de keuze om het graf van de bekende Marilyn Monroe te bezoeken. Zo gezegd, zo gedaan. Groot nadeel van het Westfield Memorial Park, is dat de ingang hiervan moeilijk te vinden is. Maar gelukkig hebben we daarvoor speurneus Marieke in dienst genomen. Haar taak neemt ze dusdanig serieus, dat nadat we de auto hebben geparkeerd binnen 3 minuten en 27 seconden de ingang van het kerkhof hebben gevonden. Wat we daar te zien kreeg viel een beetje tegen. En om eerlijk te zijn, vinden wij beiden het totaal niet de moeite van het bezoeken waard. Maar goed, we kunnen nu zeggen dat we de grafsteen van Marilyn Monroe hebben gezien.

Meteen nog even op zoek naar een beeldentuin. Hierover had ik Marieke vooraf niet ingelicht, dus deze liet zich wat moeilijker (lees: niet) vinden. 36 minuten later en $6.75 parkeergeld armer gingen we weer verder. Op zoek naar die kleine oude vrouw van Pasadena. In 2006 hebben we al ontdekt dat het verkeer in LA niet echt het meest soepele verloop kent dat er is. Een overdaad aan verkeersborden voorzien van een overdaad aan informatie maken het geheel zo onduidelijk dat iedereen genoodzaakt is om langzaam te rijden. Een afrit links, een afrit op de afrit van een afrit en dat verdeeld over een breedte van een tiental rijstroken. Niets is ze hier te dol. Uiteindelijk komen we aan bij het hotel in Pasadena, en als we eenmaal geïnstalleerd zijn, gaan we naar het oude centrum van Pasadena. Hier hadden we niets verwacht, en werden we dusdanig aangenaam verrast door de schoonheid van de gebouwen, dat we niet begrijpen dat we nooit eerder op het idee zijn gekomen om dit ‘dorpje’ met een bezoekje te vereren.

En plotseling zagen we haar. Wachtend bij het stoplicht. Hoe zou ze eruit zien? De ramen van haar auto spiegelden zo erg dat we niets binnenin konden zien. Het enige wat we hoorden was het pruttelen van de dikke acht-cilinder telkens als het gaspedaal werd ingedrukt. Aan de auto was duidelijk te zien dat deze al vele malen de Colorado Boulevard op en neer was gescheurd.

Het stoplicht springt op groen. Van nieuwsgierigheid van wat er in de auto zit, vergeet ik foto’s te maken. Misschien maar goed ook, want in de auto zit geen klein oud vrouwtje, maar een of andere Mexicaan. Teleurgesteld gaan we terug naar het hotel, om verder informatie op te zoeken over het vrouwtje. We komen erachter dat het stukje muziek uit 1964 dateert. We ontdekken dat het oude vrouwtje eigenlijk Kathryn Minner heet, ?n dat ze 26 mei 1969 op 77-jarige leeftijd is overleden. Wellicht dat we haar beter hadden kunnen zoeken naast Marilyn Monroe, eerder vandaag.
Lees het verhaal
19 september 2013

Alle duizend redenen

Vandaag voor de derde dag op rij naar het Joshua Tree National Park. Hoewel we de dagen voor ons gevoel hebben ingekort, in verband met de, welhaast absurd te noemen, hoge temperaturen, valt dat in de praktijk eigenlijk wel mee. De aanrijtijd naar de ingang van dit park is aanzienlijk korter dan we normaal gewend zijn. Resultaat is dat we er vroeger zijn dan normaal, logisch gevolg is dan ook dat je de ‘gebruikelijke’ bezoektijd eerder op de dag hebt weten te bereiken. De tijd die we nodig hebben om weer terug bij het hotel komen is dientengevolge ook korter dan normaal het geval is. Al deze redenen bij elkaar opgeteld hebben als bijzonder gevolg dat we deze middag voor de derde dag op rij aan de rand van het zwembad vertoefd hebben. Nu is dat niet meteen een reden om het Eindhovens Dagblad te contacteren, want de totale tijd die aan de rand van, en in, het zwembad zijn gespendeerd zullen zeer zeker de 60 minuten niet halen.

De eerste stop deze ochtend was midden in het park. Een wandeling van iets meer dan vier kilometer stond op het programma. De eerder genoemde absurd hoge temperaturen (die het kwik ruim boven de 40 graden laten aangeven), was voor ons voldoende reden, om deze route in de ochtenduren te lopen en niet op het heetst van de dag, iets na de middag. En dat was maar goed ook, want de tocht was toch iets zwaarder dan verwacht. Veel los zand in combinatie met een toch redelijk te noemen hellingspercentage, maakte dat het voor ons genoeg reden was om op regelmatige basis het vocht van het voorhoofd te verwijderen. Na een tijdje te hebben gewandeld, staan we plotsklaps op een camping. Helaas voor ons, geen routebordje. Én wonder boven wonder, geen kampeerders. Aangezien we twee richtingen uit kunnen lopen, is dat voor ons genoeg reden om even te overleggen. We besluiten om linksaf te slaan, en die weg te volgen.

Iedereen die een beetje logisch kan nadenken, weet dat de gemaakte keuze de verkeerde keuze is geweest, anders zou ik geen reden zien om de keuze hierboven te vermelden. Echter hebben wij er bijna 500 meter voor nodig om daar achter te komen. Het bereiken van het einde van de camping was eigenlijk de enige reden die ons daar op dat moment achter deed komen. We keren om, en vervolgen onze weg, om een tijdje later picknicktafels tegen te komen. Het fraaie uitzicht hier, geeft ons een reden om even een kort spelletje te spelen, wat toch in mijn rugzak zit.

De route wordt al weer snel duidelijk, en we kunnen met een gerust hart verder. Reden genoeg om zo nu en dan weer een foto te maken, en vooral te genieten van het schitterende landschap. Pas op het einde van de route wordt ons de reden bekend waarom deze wandeling de naam Skull Rock Trail heeft meegekregen.

We gaan met de auto naar het uitzichtpunt over de vallei van Joshua Tree NP. Hier is duidelijk de San Andreas breuk te zien. Iets wat we stiekem ook al zo duidelijk hoopten te zien toen we onze eerste missiepost tijdens deze rondtoer bezochten in San Juan Baptista. De wandeling die hier te volbrengen was, mag eigenlijk geen wandeling heten. Daar is die simpelweg te kort voor.

We rijden de route weer terug, maar halverwege zien we dat er een geocache is. Reden genoeg om te stoppen en even te gaan kijken. We komen terecht bij een graf van iemand die hier is vermoord in 1925. Vlak aan de rand van de weg, maar ver genoeg er vandaan om dit klein monument niet te kunnen zien staan, als je er passeert.

Terwijl we verder rijden, schalt de Pastorale van Shaffy en List uit de luidsprekers. Het landschap in combinatie met het nummer, smeden het tezamen tot een bijzonder geheel. Na de Pastorale volgt er een nummer van Van Dik Hout. Het bekende Stil in mij (wat anders). Om de één of andere onbekende reden, blijft een ander nummer van Van Dik Hout in mijn hoofd rondzingen.

Nog één wandeling staat op het programma voor vandaag. Een korte van iets meer dan twee kilometer. Genoten heb ik de afgelopen dagen van dit, tot mijn verrassing, zeer gevarieerd National Park. Er was eigenlijk maar één ding wat er hier miste. En dat was water. En laat datzelfde water nu net de reden zijn, dat we deze wandeling hebben uitgezocht. Uiteraard blijft het altijd afwachten of het water er nog wel is. Zeker als het al zo’n lange periode zo warm is geweest. Maar we hebben geluk, en na een tijdje kijken we uit over een klein meer.

Op de terugweg worden we getrakteerd op enkele petrogliefen. Reden genoeg om deze wandeling als een echte aanrader te markeren. Wat wel jammer is, is het feit dat er altijd van die onverlaten zijn (in dit geval waren het Duitsers (misschien dat ze hun voorouders willen imiteren en was de bedoeling deze primitieve kunstvorm mee terug naar het thuisland te nemen.)), die van mening zijn dat ze deze tere schilderingen van dichtbij te gaan bekijken.

Zoals gezegd, terug naar het hotel. Na het rondje zwemmen, komen we tot de conclusie dat we niets van Palm Springs hebben gezien. Reden om te kijken of er een leuk restaurantje in het centrum van de stad zit. Geluksvogels als we zijn, is het niet meer dan logisch dat de complete binnenstad is afgesloten. Reden? Een lesbienne en homo filmfestival dat deze avond werd geopend.
Lees het verhaal
18 september 2013

Bee-alert

Ook vandaag steeg het kwik weer tot grote hoogtes. Het kwam ietsje lager uit dan gisteren, maar het haalde toch gauw een graadje of 38 a 39. Deze temperaturen hebben inmiddels zijn sporen op onze armen achtergelaten. Je kunt wel direct zien dat we geen zonaanbidders zijn en niet lui op een strandstoel gaan liggen en om het half uur even in beweging komen om ons om te draaien. Nee, daar doen we niet aan mee, met het gevolg dat de bovenkant van onze armen bruin getint is en de onderkant, in mijn geval, nog altijd wit uitslaat.

Ondanks de hoge temperatuur, wilden we toch meer van Joshua Tree park gaan zien. Want na gisteren hadden we niet het idee dat we al uitgekeken waren op de bomen. Bovendien heeft de afwisseling in het landschap ons verrast en is zeker de moeite van een tweede en waarschijnlijk morgen een derde bezoek waard. Ik moet er wel bij zeggen dat de dagen een aanmerkelijk stuk korter zijn dan normaliter het geval, Dit heeft te maken met de hoge temperaturen. Code oranje, zeg maar. En verstandig als we zijn gaan we onze lijfjes niet de hele dag blootstellen aan de forse uv-stralen. Dit maakt dat we kortere wandelingen plannen en er drie keer een (hele ruime) halve dag van maken.

Vandaag stond de cactus-tuin op het programma. Het was een bijzonder gezicht om zoveel van dezelfde cactussen te aanschouwen. Er was slechts ??n nadeel, je kon er niet te lang bij stilstaan, want dan zaten er al drie bijen in je oor. Niet voor niets werd er bij het begin van het pad een Bee-alert afgegeven. Gelukkig was de wandeling niet al te lang, zodat we al zoemend weer in de auto plaats konden nemen.

In het gedeelte van het park dat we vandaag bezocht hebben, waren minder Joshua Trees te zien, maar dit werd ruimschoots goedgemaakt met tal van andere bomen die er ook mochten zijn. De Arch rots viel ons eerlijk gezegd een beetje tegen, maar misschien zijn we ook wel een beetje verwend, omdat we enkele jaren geleden Arches NP al bezocht hebben. En daar zijn de bogen toch net een beetje indrukwekkender te noemen.

Na nog een paar korte wandelingen meegepikt te hebben, werd het stilaan weer tijd om de verkoeling van het zwembad op te gaan zoeken. een beetje verhit, maar zeker voldaan van alle fraaie plaatjes die we hebben mogen schieten, lieten we ons het koele water welgevallen.

O ja, het was vandaag ook nog tweemaal een gevalletje van ‘dat verwacht je niet’. Vanochtend hebben we, volgens ons voor het eerst van ons leven, een kolibrie mogen aanschouwen. Het is werkelijk een ieniemienie vogeltje. Het had zichzelf opgesloten in de supermarkt. en diervriendelijk als de mensen hier zijn, hebben ze de automatische deuren maar even gesloten en het vogeltje zachtjes weer naar buiten gemanoeuvreerd. Je verwacht het niet, een kolibrie die boodschappen wil gaan doen.

Het tweede gevalletje van ‘je verwacht het niet’, gebeurde vanmiddag in de Starbucks. Een keurig nette man zag mij aan voor een beroemde zangeres, met een blijkbaar geweldige stem. Toen ik hem vertelde dat ik waarschijnlijk niet de gene ben die hij voor ogen had en dat ik niet goed kan zingen, was hij enigszins teleurgesteld en wachtte zijn bestelling af.
Lees het verhaal
17 september 2013

Found what I was looking for

103 weken is het nu geleden dat ik een verhaaltje tikte waarvan de titel de eerste 3 cijfers van deze zin bevatte. 103, oftewel 013. In dat verhaal had ik het kort over de twee Nederlanders die een maand eerder waren overleden in Joshua Tree National Park, door uitdroging. Een gevalletje van eigen schuld tikte ik toen. Vandaag was het zover dat wij voor de poorten van dit park stonden. Natuurlijk gaan dan de gedachten uit naar de dramatische gebeurtenissen van iets meer dan twee jaar geleden. Zeker aangezien de temperatuur vandaag, en de komende dagen, ver boven het gemiddelde uitkomen, van hetgeen normaal is voor deze tijd van het jaar. Normaal gesproken blijft het kwik steken op een kleine 33 graden. Vandaag zou het kwik op 40 graden en meer uitkomen. Raadzaam dus om het wat rustiger aan te doen en geen route uit te zoeken van een kilometertje of 14. Op naar het bezoekerscentrum om informatie te vragen over korte routes die de moeite waard zijn. We kregen een viertal routes voorgesteld, én het advies om ervoor te zorgen dat we genoeg brandstof in de auto hadden, en dat we ruim voldoende water mee zouden dragen, gezien de hoge temperaturen. Ook wordt ons verteld dat het raadzaam is om stevig schoeisel te dragen. Op het moment dat we met de auto het toegangshek passeren, krijgen we wederom hetzelfde advies.

Wederom trek ik dezelfde conclusie over de twee Nederlanders. Gevalletje eigen schuld. Als we korte tijd later bezig zijn met onze eerste wandeling, verbaas ik mezelf over de domheid van sommige mensen. Slippers aan de voeten en niets op de rug of in de handen. De discussie wat goed schoeisel is, kan ik nog enigszins begrijpen, omdat het slechts een relatief begrip is. Maar het begrip ‘ruim voldoende water’, betekent in mijn ogen toch echt dat je meer mee moet nemen dan helemaal niets.

Als je de naam Joshua Tree hoort, hoef je toch echt geen grote muziekliefhebber te zijn, om aan het gelijknamige album van U2 te denken uit 1986. Het verhaal wil, dat de twee eerder genoemde Nederlanders op zoek waren naar de boom die de hoes van het album siert. Om heel eerlijk te zijn, heb ik daar geen moment aan gedacht, maar toen ik deze avond wat meer informatie over het album wilde weten, leek het me wel een leuke queeste te zijn, voor de dag van morgen of overmorgen.

Een zoektocht van minder dan vijf minuten op het internet, leerde me enkele dingen. Hoewel de gebeurtenis van twee jaar geleden uitermate triest is, het gevalletje eigen schuld werd alleen maar sterker bevestigd, aangezien de bewuste boom zich niet in Joshua Tree National Park bevindt, maar in Death Valley National Park. Laatstgenoemd park ligt toch enkele honderden kilometers verder naar het noorden. En ik mag toch aannemen dat je voorbereiding toch wel degelijk te noemen is, als je in een park van bijna 3200km² op zoek gaat naar één enkele boom. Ik denk dat ik in vijf minuten al heb gevonden waar ik naar zocht, en weet dat we morgen gewoon weer gaan genieten in een park waar de straten geen naam hebben.

Ik kan me voorstellen, dat sommigen het wellicht iets overdreven vinden, als we zeggen dat we voor een wandeling van een kleine twee kilometer twee liter water per persoon meenemen. Beter teveel dan te weinig, denk ik dan maar. Het laatste waar ik behoefte aan heb, is het feit dat over iets meer dan een maand iemand zit te tikken, ‘duidelijk een gevalletje van eigen schuld’.
Lees het verhaal
16 september 2013

Cuyamaca: Men zou voor minder een gat in de lucht springen

Zelfs wij luisteren wel eens naar anderen. En niet alleen luisteren, maar we verwerken hetgeen verteld wordt tegen ons in onze grijze massa, én we doen er vervolgens nog wat mee ook. Wat kan een mens die lekker thuis of op het werk achter zijn scherm dit avontuurtje zit te lezen zich nog meer wensen? Niet veel toch? Op aanraden van anderen (wel om eerlijk te zijn, hadden we dit in mei zelf al besloten, maar je moet niet iedereen meteen gerust stellen), hebben we besloten om die laatste kilometers naar de Mexicaanse grens te laten voor wat ze zijn, en verder te reizen naar het noordoosten. De eindbestemming van vandaag klinkt zelfs wat decadent in de oren. Palm Springs. Als ik het uitspreek, dan ga ik mezelf welhaast beter voelen. Tot het moment dat ik, als we eenmaal in Palm Springs zijn gearriveerd, de auto uitstap. Op dat moment voel ik me als een tegenstander van Timothy Bradley (wie kent deze bekende bokser die in Palm Springs opgroeide niet?), die een mokerslag in zijn gezicht krijgt. Maar dan van de temperatuur. Een blik op de thermometer leert me dat het 42° celsius is. En om eerlijk te zijn. Dàt is best warm.

Eigenlijk zou dat iets moeten zijn om helemaal beneden aan het avontuur te tikken, want ik ben al aan het einde van de dag belandt, op het moment dat ik net verteld heb wat we niet zijn gaan doen vandaag. De reis van San Diego naar Palm Springs vergt op zich niet zo heel veel tijd. Ruimte genoeg dus om vandaag nog een of ander park te gaan bezoeken. Maar welk? Er zijn er zoveel hier in de omgeving te vinden dat het moeilijk kiezen is. Uiteindelijk valt de keuze op Cuyamaca Rancho State Park. Eerlijk is eerlijk, ik heb die naam zelf ook al -tig keer opgezocht, en ik kan hem niet onthouden. Als het beestje maar een naam heeft nietwaar? Het park an sich is niet zo heel groot. Er lopen wat wandelingen, maar de informatie die we op internet kunnen vinden, is heel summier. We besluiten om de Azalea trail te gaan lopen, na het lezen van wat logjes op geocaching.com. Deze trail wordt genoemd als één van de mooiste routes van het park. Onderweg kunnen we ook nog wat geocaches tijdens deze wandeling van iets meer dan 10 kilometer oppikken.

Iets wat we ook lezen, is dat in het park een grote brand heeft gewoed, en dat de gevolgen, nu 10 jaar later, nog steeds goed zichtbaar zijn. We denken dat in deze periode de brandlucht wel verdwenen zal zijn, en we besluiten definitief om deze wandeling te gaan lopen. Een blik in ons programma met geocaches, leert ons dat het mogelijk is dat we drie keer een FTF kunnen scoren. Voor degenen die het niet weten, een FTF is een First To Find, oftewel degene die een geocache voor de eerste keer vindt. 12 keer is dat ons al gelukt de afgelopen 6 jaar, dus op zich is het wel bijzonder als we hier in de VS maar liefst drie keer op een dag een cache voor de eerste keer kunnen vinden.

Als we eenmaal op weg zijn, zien we de gevolgen van de brand in 2003 nog goed. Op zich maakt het wel dat het landschap eentonig is, maar waar is het dat niet als je een relatief korte route loopt? Wat wel goed zichtbaar is, is het feit dat eerst grassen zich gaan ontwikkelen, daarna de struiken en daarna pas de bomen weer. Nu, 10 jaar later, zijn de struiken zich aan het ontwikkelen. Ben toch wel benieuwd hoe het er hier over een jaartje of 10 uitziet.

Eentonig of niet, we genieten van een schitterende wandeling, die ons op het lijf lijkt te zijn geschreven. Niet te zwaar, niet te licht. Een beetje stijgen, een beetje dalen. Niks geen klauteren vandaag. Daar is het ook nog te vroeg voor. Hetgeen nu belangrijk is, is dat we kilometers in de benen krijgen. De temperatuur is met een kleine 35 graden ook niet echt verkeerd te noemen om een stukje door de bergen te wandelen. Al moet ik wel zeggen, dat ik na het wegklokken van enkele flesjes water toch wel zin krijg in een kop koffie. Marieke probeert nog tegen een boom te schoppen om te kijken of daar misschien koffie uitkomt, maar helaas. Het blijkt tevergeefse moeite te zijn.

Met iedere stap die we zetten lijkt het wel of er tientallen beesten wegschieten in het struikgewas. Op het einde van de dag hebben we honderden Bluebirds, -tig eekhoorns, hagedissen en wilde kalkoenen gezien. Evenals enkele tientallen herten.

Onderweg lukt het ons om in totaal 16 geocaches te vinden. En inderdaad ook de drie FTF’s is ons gelukt. En daar kan ik toch wel een beetje blij van worden.
Lees het verhaal
15 september 2013

Rocky was er niet

Vandaag hebben we nog een hele dag te gaan in San Diego. Nadat we gisteren de oude stad en het nieuwe centrum al bezocht hadden, stond vandaag het Balboa-park op het programma. Dit stadspark laat zich moeilijk vergelijken met ons eigen stadswandelpark, al was het alleen al omdat dit park 490 hectare groot is. Niet voor niets rijdt er een gratis park-tram die je op verschillende plaatsten in het park brengt. We hebben op het einde van de dag dankbaar van deze tram gebruik gemaakt, toen onze voetjes al weer de nodige kilometertjes getippeld hadden.

Het park biedt voor ieder wat wils, variërend van een sportmuseum, luchtvaartmuseum, een poppentheater tot een wereldpaviljoen met diverse huisjes uit alle uithoeken van de wereld. Het idee van deze huisjes was leuk, maar de afwerking ontbrak toch wel naar onze bescheiden mening. De gebouwen in het park mochten er zijn. De ene nog fraaier dan de andere.

Zoals Marieke hierboven al vermeldde, is het Balbao-park niet te vergelijken met het stadswandelpark in Eindhoven. Maar niet alleen door de grootte is het onvergelijkbaar. Ook het gebrek aan een vijver of enkele fraaie beelden maken het dat deze twee parken onvergelijkbaar zijn. Met name een vijver vond ik persoonlijk wel een gemis voor een park. Het brengt toch wat gezelligheid met zich mee in mijn ogen.

Ook het verschil in gebouwen is aanzienlijk, dit keer in het voordeel van het Balboa-park. In Eindhoven moeten we het stellen met het observatorium, hier kunnen we schitterende gebouwen bewonderen zoals het Museum of Man, Park Carrousel, House of Pacific Relations International Cottages, San Diego Hall of Champions en wellicht wel de meest bekende de San Diego Zoo.

En dan het aantal geocaches dat zich in beide parken mogelijkerwijs laat vinden. In ons eigen Eindhoven kunnen we met wat geluk maar liefst één keer een cache loggen, terwijl we in San Diego bijna 100 keer onze naam op een stukje papier zouden kunnen krabbelen.

Ondanks het gebrek aan een vijver, gaat mijn voorkeur toch uit naar het park in San Diego, al was het alleen maar om de grote variëteit die zich hier laat zien en de oppervlakte, die enorm is, van het park. Als we elkaar vertellen dat onze voetjes behoorlijk moe zijn, neemt een eekhoorn de moeite om ons uit te lachen.

Ruim 14 kilometers pad hebben we vandaag belopen in dit park. Op het einde van de dag, ging Marieke heel verstandig wat rusten, terwijl ik een 3-sterren terrein geocache ging loggen. Inderdaad de speelgoedrobot die Marieke hierboven al noemde, al heeft ze die alleen maar kunnen bewonderen aan de hand van de foto die ik ervan heb gemaakt.

Na de gratis parktram, de bus genomen naar de naar de stad, om daar verder met de tram te gaan naar Old Town. We wilden toch nog een poging wagen om een onvergetelijk Mexicaans restaurant te vinden in deze stad. Iets wat ik kan zeggen dat wel gelukt is.

Geen Sea World en geen San Diego Zoo voor ons. En ik weet bijna zeker dat we die ook niet gaan bezichtigen als we hier nog eens ooit terug mogen komen. Er is nog genoeg te zien om enkele dagen mee te vullen. En om heel eerlijk te zijn, vind ik tachtig dollar voor een dierentuin toch nét iets te té veel van het goede. O, en de titel. Ik neem aan dat iedereen weet welke Rocky wij bedoelen, en wat zijn achternaam is.
Lees het verhaal
14 september 2013

Eindhoven, Tennessee. Next to Japan

Ruim 9100 kilometer zijn we nu van huis verwijderd. Zo zuidelijk als we nu zijn, zijn we nog nimmer in de Verenigde Staten geweest. Ergens kriebelt het om nog 30 kilometer verder naar het zuiden te gaan, en dan Mexico te bezoeken. Maar Tijuana is niet de veiligste plek om dit land binnen te gaan. Toch ook wel vreemd om te bedenken dat slechts 30 kilometer verderop het geweld zo welig tiert. Dit verschil hebben we eerder meegemaakt, maar dat was dichter bij huis. Alhoewel het gevoel zegt dat de grens Namibië – Angola veel verder van huis ligt dan dat San Diego dat doet. San Diego…. Wat heeft het nu eigenlijk te bieden? Het heeft ons beiden nooit zo aangetrokken. Het is natuurlijk ook niet zo bekend zoals New York, San Francisco of Los Angeles zijn, maar de bezoeken aan Seattle en Denver heeft ons geleerd dat ook andere grote steden in de Verenigde Staten de moeite van het bezoeken waard zijn. Zo is het dus ook vrijwel zeker voor ons dat San Diego genoeg heeft wat de moeite van het bezoeken waard is, en de keuze om deze stad tijdens deze tour aan te doen is al snel gemaakt. Sea World en de Zoo zijn natuurlijk dé topattracties van deze stad met ruim 1,3 miljoen inwoners. En het zijn ook meteen het soort attracties waar wij niet zo van gecharmeerd zijn, omdat dergelijk bezienswaardigheden overal ter wereld te bewonderen zijn. Maar het is geen ramp voor ons om enkele topattracties te missen. We doen het ook voor wat minder. Het zijn vaak immers de kleine onbekende dingen die het onvergetelijk maken.

De eerste stop van vandaag was dan ook San Diego Old Town. Hier begon het ooit allemaal voor deze stad. Dit gedeelte is heel toeristisch, maar op de één of andere manier is het totaal niet storend. De mensen in de winkels zijn gekleed in de kleding die men 150 jaar geleden ook droeg. Overal worden kleine toneelstukjes opgevoerd in diezelfde klederdracht. Eigenlijk is het gewoon een groot openluchtmuseum, met talloze souvenirwinkeltjes. Maar voor ieder winkeltje dat er is, is er ook een mini-museum te bewonderen. Het meest bijzondere van dit geheel, is misschien nog wel het feit dat alles gratis toegankelijk is, inclusief het parkeren. Terwijl we door Old Town slenteren, stuiten we plotseling op een verborgen winkeltje dat luistert naar de naam Game Towne. Natuurlijk moeten we daar even naar binnen gaan. Na een tijdje gaan we weer naar buiten, zonder iets aan onze collectie te hebben toegevoegd. Ook d?t is gewoon mogelijk.

We lopen naar het station, en kopen daar een 2-dagen kaart voor het openbaar vervoer. Zoals bijna overal in de wereld met uitzondering van ons koude kikkerlandje, is een dergelijke kaart buitengewoon betaalbaar, en maakt het de keuze om het niet te doen bijna onverantwoord. We gaan met de tram naar het Gaslamp Quarter. Het historische stuk in de moderne stad van San Diego. Ook hier is het commerciëler dan ons lief is, maar ook hier stoort het niet. We kunnen volop genieten van de schitterende oude, zij het stedelijke, gebouwen. De ene nog fraaier dan de andere. Voor Marieke is het natuurlijk mooi meegenomen dat het honkbalstadion van de San Diego Padres ook in deze wijk ligt. Een bezoekje hieraan wordt dan ook meteen gemaakt. Evenals een bezoekje aan de shop om mijzelf van een nieuwe cap te voorzien. Langzamerhand begin ik toch al een behoorlijke collectie petten te krijgen.

Langzaam valt de avond in, en we pakken de tram terug naar Old Town, om daar een hapje te gaan eten. We hebben gelezen dat San Diego dé beste stad in de USA is om Mexicaans te eten, dus die kans willen we niet voorbij laten gaan. Of we gewoon pech hebben, óf we hebben geen verstand van goed Mexicaans eten, feit is dat we hetgeen we deze avond voorgeschoteld hebben gekregen niets bijzonders is vergeleken bij de geweldige maaltijd die we twee jaar geleden in El Molcajete in Scottsbluff gepresenteerd hebben gekregen.

We wandelen langzaam terug richting de auto. Nagenietend van een leuke dag. Net voordat we bij het voetgangerslicht zijn, komt er een jongen aangerend, én drukt snel op de knop van het verkeerslicht. “Beat you!”, roept hij tegen mij terwijl mijn wenkbrauwen dichter bij de maan komen en er een glimlach om mijn mond verschijnt. Hij lacht naar zijn vriend die enkele stappen achter hem loopt. We raken aan de praat, en al snel komt de gebruikelijke vraag, “Where you from?” We vertellen dat we uit Nederland komen. Er wordt enthousiast geantwoord dat ze dat kennen, maar sinds afgelopen maandag weten we dat het niet vreemd is dat men denkt dat Nederland naast Japan op de wereldkaart ligt. Waarschijnlijk wordt hetzelfde enthousiasme getoond als we in het vervolg antwoorden: “Eindhoven, Tennessee”.
Lees het verhaal
13 september 2013

Niet volgens het boekje

Route 1 hebben we volbracht. Althans hetgeen wat we ervan wilden bewonderen. Behoudens dan ??n klein parkje, maar misschien dat we dat op de weg terug nog even meepikken. Misschien ook niet. En dan komt er overleg. Wat nu? Of beter gezegd, waarheen nu? Uiteindelijk viel de keuze op een stadje een kleine 500 kilometer ten zuiden van de plaats waar we deze ochtend nog wakker werden. Grootste nadeel van die afstand was toch wel het feit dat de route ons dwars door Los Angeles zou leidden. Met de reputatie van stad met veel verkeer, zouden we deze liever mijden, maar ja. Niets aan te doen zullen we dan maar zeggen. Normaliter zouden we iets minder dan zes uur nodig hebben, om de afstand te overbruggen. Uiteindelijk bleken het er 9 te zijn geworden. Tel daarbij nog de nodige stops op (om dingen te bekijken ?n om de inwendige mens te versterken), en je kunt begrijpen dat we de hele dag onderweg zijn geweest.

Eén van de stops zorgde ervoor dat we dat we ruim twee uur mochten verblijven in het bekende Santa Barbara. In de reisgids die we bij ons dragen, stond een rondwandeling door het oude gedeelte van deze stad. Toen we halverwege waren, kon de wandeling ons niet echt bekoren. We besloten om wat geocaches te gaan doen, en zie daar. Nu zagen we de dingen die we eigenlijk willen zien in een stad. Nu konden we dwalen door kleine steegjes en terechtkomen in verborgen tuintjes of kleine pleintjes. Al deze fraaie plekjes stonden niet in een reisgids. Zo zie je maar, je hoeft niet altijd alles volgens het boekje te doen.
Lees het verhaal
12 september 2013

Je verwacht het niet

Jon Secada zong het al in 1992. Just another day. Tenminste dat is hetgeen je aan het begin van de dag denkt. Op het einde van de dag blijkt het vaak toch niet weer gewoon een dag te zijn. Er zijn dan allemaal van die dingen gebeurt waarvan je denkt: “Je verwacht het niet.”

Neem nu deze dag. Gewoon weer een dag. De wekker begint om half zeven te zingen. Ik stap soepel en sierlijk uit mijn bed. We ontbijten wat, en voor de klok acht uur slaat zijn we weer op pad. Op weg naar nieuwe avonturen. Na wat boodschappen te hebben gedaan, zoals het bij elkaar sprokkelen van de lunch en het aanschaffen van wat cafeïne voor onderweg, stoppen we voor het eerst vandaag in de alom bekende plaats Harmony. De metropool in Californië is vooral bekend om de hoge concentratie glasblazers die actief zijn in de gemeenschap. Je hebt er nog nooit van gehoord? Misschien ook niet zo verwonderlijk. En als ik je het aantal inwoners in zou fluisteren, zou je ook denken: “Je verwacht het niet.”

We vervolgen onze weg, en na een tijdje zegt Marieke tegen mij: “Dat zijn toch geen koeien?” “Nee,” zeg ik, “dat zijn zebra’s.” Marieke kijkt me aan alsof ik gek ben. Nu kan ik wel zeggen, dat je iets moet denken in de trant van: “Je verwacht het niet.”, maar ik ben bang dat de blik van Marieke weinigen zal verbazen. Want, wees eerlijk, om zebra’s in het wild te zien, dien je in Afrika te zijn en niet in de Verenigde Staten.

We toeren verder. Veel keuze hebben we niet, want om klokslag 12 uur worden we verwacht in Hearst Castle. Er volgen nog een paar korte cache-stops. Onder andere nabij het strand. Zo hebben we ook vandaag weer een heuse ‘stranddag’ gehad. Zonder gekheid, dat hebben we al genoeg vandaag, het uitzicht op de oceaan is weer schitterend. Ruim op tijd arriveren we bij Hearst Castle. en ondanks dat wachten niet echt ons ding is, zit er niets anders op dan de tijd tot 12 uur te doden in de souvernirshop. Alles bij deze attractie ademt commercie uit. De hoeveelheid toeristen, de prijzen in de souvenirshop en het kudde-gedrag van de groep. Maar ach, we hebben weinig keus. Hoewel we begrepen dat er ook een privé toer beschikbaar was. Helaas was deze niet weggelegd voor onze portemonnee. Om op eigen houtje door het kasteel te mogen dolen, moest je wel 750 dollar meenemen. En, “Je verwacht het niet niet”, dat bedrag is dan wel per persoon.

Dan maar keurig de groep volgen…. Klokslag 12 uur begon de bus aan een 5 mile drive tot aan het kasteel. uitstappen geblazen en verder lopen in de groep. Bij de toer die wij gekozen hadden kregen we 7 grote kamers te zien. Deze waren de moeite van het bezoeken waard. Hoewel het wel een allegaartje was, aangezien de eigenaar van het kasteel het motto had: alles is te koop, het is alleen een kwestie van betalen. Dit heeft hij dan ook gedaan en zo kwam er Antwerps tafelzilver voorbij, een pers vervaardigd in Frankrijk en een wandkleed naar een doek van Rubens. Na de toer mochten we zelf de tuinen bekijken. Als we alles denken te hebben gezien, begeven we ons naar de bushalte om weer naar de uitgang te gaan. Een bordje met een pijl wijst ons naar rechts, een gebouw binnen. We kijken elkaar aan en denken beiden, “Je verwacht het niet.” Dit is het tweede zwembad van het kasteel dat we te zien krijgen, en voor ons beiden, is dit misschien wel het fraaiste wat we hier hebben mogen bewonderen.

Nadat blijkt dat we deze audiëntie hebben overleefd keren we weer rustig aan terug naar het hotel. Gisteren passeerden we het plaatsje Morro Bay. Deze plaats heeft een gigantisch rotsblok net voor de kust staan, welke ons deed terugdenken aan onze trip van 2008 door Spanje, toen we in Calpe op een soortgelijk natuurwonder uitkeken. Marieke zei dat ze er wel een foto van zou willen maken, maar dat er helaas nergens plaats was om te parkeren. “Je verwacht het niet”, maar nadat we drie uitzichtpunten zijn gepasseerd, besluit ik op de vierde om de auto te parkeren, zodat Marieke haar felbegeerde foto kan maken.

Het wordt later en later, en nadat we onze magen gevuld hebben, wordt het langzaamaan tijd om het verhaal van de dag te tikken. Natuurlijk dienen dan eerst de foto’s bekeken te worden, omdat we soms wel eens vergeten hoe verschrikkelijk veel we op een dag zien. Zo ook vandaag weer, want bij het bekijken van één van de eerst gemaakte foto’s blijkt maar eens te meer: “Je verwacht het niet!”
Lees het verhaal
11 september 2013

Blijheid

6:30 uur. De wekker gaat weer af. Ik zou haast willen zeggen dat ik meteen mijn benen soepeltjes over de rand van het bed zwier. Niets is echter minder waar, aangezien ik deze beweging al een half uur eerder heb gemaakt. Ik steek dus mijn arm uit, om vervolgens de wekker tot het zwijgen te brengen. Het ochtendritueel begint en iets meer dan een uur later zijn we gereed om op walvissenjacht te gaan. Niets spannends, want de walvissen die we willen gaan spotten zijn al jaren geleden overleden. Het enige wat ervan te zien is, zijn de skeletten die zijn overgebleven. Deze zijn op het strand opgezet, en blijken nog groter te zijn dan we hadden verwacht. Vervolgens gaan we op pad naar Natural Bridges State Park. Hier gaan we een natuurlijke brug bekijken, die in de oceaan staat. Rob had het idee dat deze jaren geleden ingestort was. Toen we ter plekke waren, bleek niets minder waar te zijn, en konden we de rotspartij in al zijn glorie bewonderen.

De klok moet nog negen slaan als we weer verder gaan om Highway 1 te volgen. Vandaag is het doel een bezoekje aan het Julia Pfeiffer Big Sur State Park. Hier heb ik enkele foto’s van gezien die wel de moeite waard waren. Ook de wandeling die noodzakelijk zou zijn om deze foto’s te kunnen maken zou een mooie test voor ons beiden zijn. Maar voordat we daar zijn, maken we onderweg eerst nog enkele stops. Bij één van die stops ontmoeten we een oudere man. We raken aan de praat, en hij vraagt ons waar de reis ons naartoe brengt. Geen idee antwoord ik hem. Als ik even later in de auto zit, besef ik dat ik een gelukkig mens ben, die tijdens de vakantie kan genieten van hetgeen hem kruist op zijn pad. Vrijheid, blijheid dus eigenlijk. Enkele stops verder staan we de Bixby Bridge te bewonderen. Gebouwd in 1932, maar heden ten dage is het nog steeds één van de hoogste betonnen bruggen met een ononderbroken overspanning ter wereld.

Uiteindelijk arriveren we dan toch bij het Julia Pfeiffer Big Sur State Park. We beginnen aan de wandeling richting de waterval. Het is een niet al te lange wandeling van middelmatige zwaarte. Een ideale test dus voor ons beiden. Marieke kan kijken hoe het nu werkelijk met de kracht in haar linkerbeen is gesteld, en ik kan kijken hoeveel ik conditioneel heb ingeleverd. Nadat het de hele ochtend en het begin van de middag bewolkt is geweest, is ondertussen de zon goed beginnen te schijnen. Een mooie aanvulling op de test. Na een goede drie kwartier bereiken we de plek waar we moeten zijn. We zien een fraaie waterval. De foto’s worden gemaakt, en we gaan weer op de terugweg. Via een korte omweg naar een uitzichtpunt over een vallei zijn we weer terug bij de auto. Test geslaagd, en beiden zijn we het erover eens dat dit voor dit jaar wel het maximale is wat we qua afstand en zwaarte aankunnen.

We vervolgen de weg naar het hotel. Dit is nog ruim 3 uur rijden verwijderd van de plek waar we zijn. Omdat het al wat later is, besluiten we om het aantal stops te beperken tot een minimum. Wel jammer, want het ene uitzicht is nog fraaier dan het andere, maar eigenlijk wil ik proberen om voordat het donker wordt, bij het hotel te zijn. De weg is namelijk behoorlijk bochtig, en van straatverlichting hebben ze hier nog nooit gehoord. Plotseling zien we langs de rand van de weg iets wat lijkt op iets wat we niet verwacht hadden hier. We besluiten om toch een extra stop in te lassen. Korte tijd later maken we enkele foto’s van wat misschien wel de grootste verrassing van de dag te noemen is.
Lees het verhaal
11 september 2013

Julia Pfeiffer Burns State Park

6:30 uur. De wekker gaat weer af. Ik zou haast willen zeggen dat ik meteen mijn benen soepeltjes over de rand van het bed zwier. Niets is echter minder waar, aangezien ik deze beweging al een half uur eerder heb gemaakt. Ik steek dus mijn arm uit, om vervolgens de wekker tot het zwijgen te brengen. Het ochtendritueel begint en iets meer dan een uur later zijn we gereed om op walvissenjacht te gaan. Niets spannends, want de walvissen die we willen gaan spotten zijn al jaren geleden overleden. Het enige wat ervan te zien is, zijn de skeletten die zijn overgebleven. Deze zijn op het strand opgezet, en blijken nog groter te zijn dan we hadden verwacht. Vervolgens gaan we op pad naar Natural Bridges State Park. Hier gaan we een natuurlijke brug bekijken, die in de oceaan staat. Rob had het idee dat deze jaren geleden ingestort was. Toen we ter plekke waren, bleek niets minder waar te zijn, en konden we de rotspartij in al zijn glorie bewonderen.

De klok moet nog negen slaan als we weer verder gaan om Highway 1 te volgen. Vandaag is het doel een bezoekje aan het Julia Pfeiffer Big Sur State Park. Hier heb ik enkele foto’s van gezien die wel de moeite waard waren. Ook de wandeling die noodzakelijk zou zijn om deze foto’s te kunnen maken zou een mooie test voor ons beiden zijn. Maar voordat we daar zijn, maken we onderweg eerst nog enkele stops. Bij één van die stops ontmoeten we een oudere man. We raken aan de praat, en hij vraagt ons waar de reis ons naartoe brengt. Geen idee antwoord ik hem. Als ik even later in de auto zit, besef ik dat ik een gelukkig mens ben, die tijdens de vakantie kan genieten van hetgeen hem kruist op zijn pad. Vrijheid, blijheid dus eigenlijk. Enkele stops verder staan we de Bixby Bridge te bewonderen. Gebouwd in 1932, maar heden ten dage is het nog steeds één van de hoogste betonnen bruggen met een ononderbroken overspanning ter wereld.

Uiteindelijk arriveren we dan toch bij het Julia Pfeiffer Big Sur State Park. We beginnen aan de wandeling richting de waterval. Het is een niet al te lange wandeling van middelmatige zwaarte. Een ideale test dus voor ons beiden. Marieke kan kijken hoe het nu werkelijk met de kracht in haar linkerbeen is gesteld, en ik kan kijken hoeveel ik conditioneel heb ingeleverd. Nadat het de hele ochtend en het begin van de middag bewolkt is geweest, is ondertussen de zon goed beginnen te schijnen. Een mooie aanvulling op de test. Na een goede drie kwartier bereiken we de plek waar we moeten zijn. We zien een fraaie waterval. De foto’s worden gemaakt, en we gaan weer op de terugweg. Via een korte omweg naar een uitzichtpunt over een vallei zijn we weer terug bij de auto. Test geslaagd, en beiden zijn we het erover eens dat dit voor dit jaar wel het maximale is wat we qua afstand en zwaarte aankunnen.

We vervolgen de weg naar het hotel. Dit is nog ruim 3 uur rijden verwijderd van de plek waar we zijn. Omdat het al wat later is, besluiten we om het aantal stops te beperken tot een minimum. Wel jammer, want het ene uitzicht is nog fraaier dan het andere, maar eigenlijk wil ik proberen om voordat het donker wordt, bij het hotel te zijn. De weg is namelijk behoorlijk bochtig, en van straatverlichting hebben ze hier nog nooit gehoord. Plotseling zien we langs de rand van de weg iets wat lijkt op iets wat we niet verwacht hadden hier. We besluiten om toch een extra stop in te lassen. Korte tijd later maken we enkele foto’s van wat misschien wel de grootste verrassing van de dag te noemen is.
Lees het verhaal
10 september 2013

Tussen halve maan en een olfiant

Vandaag hebben we San Francisco achtergelaten. We zijn in deze, in onze ogen relaxte stad, bijgekomen van de jetlag en kunnen aan de rest van de vakantie beginnen. We hebben overigens geen idee of het relaxte gevoel dat je in San Franscisco voelt te maken heeft met de hoeveelheid wiet die je ruikt als je door de stad dwaalt. Maar goed, zoals gebruikelijk vroeg op pad, dat is inmiddels geen nieuws meer.

Onze eerste stop was op Half Moon Bay. De parkeerplaats die we middels een cache uitgezocht hadden, bleek afgesloten dus moesten we verder gaan zoeken. We kwamen uit op een dik betaalde parkeerplaats. Daar mochten we wel de hele dag ons rode monster parkeren, maar we wisten natuurlijk op voorhand al dat we het geen hele dag op een strand vol zouden houden, strandmensen als we zijn. Maar het fraaie uitzicht was zeer de moeite waard. Na een strandwandeling van ruim een uur, kon de reis verder zuidwaarts ingezet worden.

We hebben nog twee korte strand-stops gehad, waarvan één ervan onze verwachtingen overtrof. De prachtige stenen in combinatie met opspattende golven tegen de rotswand aan, gaf een fotogeniek plaatje.

De laatste strand-stop was melancholisch te noemen. Het uitzicht werd daar vergezeld door een jonge man welke op de piano trachtte te spelen.

De tijd begon al weer te dringen, omdat we om 18.00 uur met Rob afgesproken hadden in de spellenwinkel in San Jose. Dus op naar één van de 21 missieposten langs de kustroute, en wel die van San Juan Bautista. Dit zijn Spaanse missieposten opgericht door Spaanse franciscanen met als doel het Rooms-Katholieke geloof te verspreiden onder de bevolking. Het is het beste te omschrijven als een klein open luchtmuseum, maar geeft een goed beeld hoe de mensen er in 1797 geleefd hebben.

Nabij de missiepost lag een steen welke doet herinneren aan het feit dat je oog in oog staat met een deel van de San Andreas Breuk. Maar geen angst, er is geen aardbeving uitgebarsten op het moment dat net wij naar het bord stonden te kijken. Ook al zie je geen echte kloof in de grond, het was toch wel een bijzonder plekje.

Ruim op tijd arriveerden we bij de spellenwinkel. En hoewel onze magen wel iets konden gebruiken, konden we de verleiding niet weerstaan om even te checken welke spellen men in de winkel verkocht. Het was een brede collectie. Meer dan er bij ons in huis aanwezig is, en zelfs meer dan er bij Rob en Tracy aan spellen voorradig zijn. Tsja, en als je er dan een uurtje rondloopt en we ons toch wel verbazing over de hoge prijzen van de bordspellen, is er stiekem toch één klein spel aan onze handen blijven plakken. Het was een spel van Amerikaanse makelij dat niet in Nederland aangeboden wordt. En dan wordt het toch in eens weer interessant. Toen we alle drie tevreden naar buiten gingen (oeps, niets tegen Tracy zeggen…) was het dan echt tijd voor het diner. We hebben heerlijk gegeten in restaurant De Olifant.
Lees het verhaal
9 september 2013

Weggehaald

Dit jaar vertoeven we voor de 4e keer in San Francisco. Qua aantal dagen overtreft het nu het aantal dagen dat we in menige wereldstad hebben rondgedoold. Het is dus niet zo verwonderlijk dat er niet bar veel op het verlanglijstje stond om te bezichtigen. Jammer, zouden sommigen zeggen. Ideaal zeggen wij. Zo zullen we nimmer het gevoel krijgen dat we onze tijd aan het verdoen terwijl we druk bezig zijn met het verwerken van een jetlag. En behoudens dat. Het is alles behalve een straf om in San Francisco een dagje te moeten verblijven. Deze morgen als eerste op zoek naar een spelletjeswinkel. Niet dat die er veel zijn in het hart van de stad, maar de speelgoedzaak die er wel was, zou een redelijke collectie hebben. En inderdaad, het assortiment van de winkel wist ons toch wel te verrassen. Net zoals de prijzen trouwens, maar dan in negatieve zin. Ook dit is niet erg, aangezien we toch niet van plan waren om iets te kopen, maar het bezoeken van een spelletjeswinkel, begint langzamerhand een soortement van gelijke traditie te worden zoals die van het bezoeken van een stadion in een stad.

Na het bezoeken van de speelgoedwinkel én het nuttigen van een kopje koffie, was het tijd om op zoek te gaan naar Grace Cathedral. Één van de hoofddoelen van vandaag. Tijdens het lezen van het laatste boek van Dan Brown, kwam ik erachter dat de deuren van deze kerk een kopie waren van de deuren van het baptisterium in Florence (die op zijn beurt weer een kopie zijn van de originele deuren, maar dat terzijde), die gemaakt zijn door de bekende Italiaanse kunstenaar Lorenzo Ghiberti en die de door de nóg bekendere Michelangelo zijn genaamd tot de Poort van het Paradijs. Tijdens ons bezoekje aan Florence hebben deze deuren een behoorlijke indruk achtergelaten op ons, dus zouden we deze graag nog een keer met eigen ogen willen aanschouwen. Al ging het om slechts een kopietje. Na een redelijke wandeling arriveerden we dan uiteindelijk bij de kerk. Het eerste wat ons opviel, was dat ze ook hier een beetje rekening gehouden hebben met onze komst. Een beetje zullen velen denken. Inderdaad, een beetje, want overal waar we een kerk willen bezoeken, staat deze in de steigers. De kans is natuurlijk heel groot, dat ze dit doen om ons te plezieren, zodat we de kerk van zijn beste zijde kunnen bewonderen. Keerzijde van de medaille is dan wel weer, dat door een gebrek aan planning de renovatie nog niet helemaal klaar is. Of het is zo, dat het allemaal aan onszelf te wijten is, en dat we gewoon te vroeg gearriveerd zijn. Hoe het ook zij, het is zo. We besluiten om de binnenzijde van de kerk te bewonderen. Nu kunnen we zeggen dat dit meer dan de moeite waard is, al is het alleen maar om de werkelijk schitterende panelen over de geschiedenis van de kathedraal te bekijken. Als we al het fraais hebben gezien én een kaarsje hebben opgestoken, besluiten we om op zoek te gaan naar de Ghiberti-deuren. In ons beperkt logisch denkvermogen hebben we het idee dat de deuren ergens aan de buitenzijde zouden moeten zitten. We lopen rondom de kathedraal, maar zien niets. Weer naar binnen, maar behalve het kunstwerk van Keith Haring, dat we in eerste instantie over het hoofd hebben gezien, is er hier niets nieuws onder de zon. Korte tijd later komen we erachter dat de deuren er niet meer zijn in verband met de eerder genoemde restauratie. Zo jammer dat juist dàt is weggehaald. Hebben we voor niets die 8878,71 km afgelegd die de deuren van deze kathedraal scheiden van onze voordeur.

De tijd begint nu te dringen, en we moeten behoorlijk doortippelen om op tijd bij het video-spelletjes-museum te zijn. Om eén uur aldaar hebben we met Rob afgesproken. Met een beetje spanning komen we dichterbij het museum. Hoe we ook kijken geen Rob. Zou er nog een ander soortgelijk museum zijn denken we heel even. Nee, dat kunnen we ons niet voorstellen. We besluiten om naar binnen te gaan, om te kijken of Rob ook binnen is. Minder dan een minuut later zie ik Rob aan komen rennen. Marieke ziet niets, omdat zij met haar rug naar de ingang staat. Benieuwd naar haar reactie, besluit ik niets te zeggen, en een fractie van een seconde later vliegt Rob haar om haar nek. Marieke schrikt niet, iets wat me toch wel verbaasd. En na even kort te hebben bijgekletst, gaan we gezamenlijk genieten van een lunch. Tijdens de lunch blijkt maar weer op hoeveel kleine dingen Rob en ik toch op elkaar lijken, als hij aantoont dat ik niet de enige persoon op de wereld ben die van peper in zijn soep houdt. Na de lunch gaan we wandelen langs de kade in San Francisco. Al wandelend en keuvelend komen we langzaam nabij die andere, al eerder genoemde traditie, namelijk het bezoeken van een stadion. Ook hier zijn we nog nimmer geweest, dus met name voor Marieke is dit wel leuk om te zien. Nabij het stadion ligt ook een geocache, die, naar wat later blijkt, de 1900e geocache is die we vinden. We lopen verder, terug naar de speelgoedwinkel waar hedenochtend onze dag begon, om vervolgens langzaam terug te keren naar ons hotel. Daar pakken we onze auto, om terug te gaan naar Pier 39. Ruim vier mijl hebben we gedrieën gewandeld, en voor onze voetjes was dat genoeg voor vandaag. We dineren bij het Hard Rock Cafe en nemen afscheid van elkaar.

Voor een dag welteverstaan. Morgen hebben we afgesproken in Santa Clara. De locatie? Die kan niet zo heel moeilijk zijn. Een spelletjeswinkel natuurlijk.
Lees het verhaal
8 september 2013

Klein

Amerika, het land van de grote, benzineslurpende auto’s. Auto’s, waarvan de gemiddelde Nederlander een hartverzakking krijgt, als hij alleen maar het geluid van de motor hoort wanneer het gaspedaal wordt ingetrapt. Bijna iedereen heeft dit beeld op zijn netvlies staan. Ook wij, al moeten we zeggen, dat we sinds 2006, het jaar waarin we voor het eerst de VS hebben bezocht, het formaat van de auto’s wel hebben zien krimpen. Maar wat ons vandaag overkwam, kan men zich op het minst een cultuurshock van formaat noemen. Het leek wel of de auto’s nadat ze in de kookwas zijn gedaan, ook nog in de droger hebben gezeten. Bij het stoplicht zou je denken dat je je gewoon in een gemiddelde Europese stad bevond. Een paar Golfjes, een Mini. Een Smartje hier, een Audi A3 daar. Top of the Hill (letterlijk, want we waren bovenop de heuvel van het Golden Gate Park) was het feit dat we een Fiat 500 geparkeerd zagen stagen. Waar we de 1e keer nog met een kleine middenklasser rondtuften door de VS, hebben we nu het idee dat we in een vuurrode kampbak aan het cruisen zijn. Terwijl het toch echt gewoon hetzelfde model is, als we altijd hebben.

Maar dat niet alles in Amerika groot hoeft te zijn, bewees vandaag wel het Holocaust Memorial. Een vrij klein en eenvoudig monument, maar dat toch een onuitwisbare indruk achterlaat op degene die bekijken.
Lees het verhaal
ZaNaBoZa
5 oktober 2011

Back home

I’ve written it a couple of days ago. On average we have 67 readers of our adventures every day. We think that it’s pretty much for two simple people like us. Of those 67, about 5% translates our stories using Google Translate. And I know, that Google does a very bad job at translating Englisch into Dutch. So, to my idea, it is only fair to write one story in English for those 5%. And the other 95%? Well, use Google Translate, or do it yourself.

We left for this years trip on September 10th. We flew to Denver, and just after we arrived in The Mile High City, we picked up our car. The CD’s with Yellowstone Music were still hidden somewhere in our suitcases. Result: We turned on the radio, and the first song we heard, was Radar Love. Performed by the Dutch band Golden Earring. Great song, so turned up the volume and enjoyed it.

Today…. Last day of this years trip. Another great trip I should say, with many highlights and lots of nice suprises. Moments I will never forget. People I will never forget. People like Hans. The guy we met when we were in Cody, together with Rob & Tracy, at the Dug Up Gun Museum. Marieke hold his gun there, and now she wants to fire a gun one day. I know for sure, that dream will come true one day. Places, we didn’t expect, such as the Painted Mine Area, close to Colorado Springs. The pictures we made there don’t represent the beauty of the area, but it’ll be on our minds forever.

Also weird, is the fact that we know now for sure, that people don’t look at us if we were some tourists. Tracy said it to us, back when we were touring in Yellowstone. Since that day, people had offered a job to us. People asked us how they should drive to a particular place. People asked us, what they should do in the area, because they were only there for one day. People asked us, where the closest 7 Eleven was. And last but not least, this morning, during the first flight of today, a nice woman, asked at which part of the West-coast I live, and if I was originally from The Netherlands. Well, in the last part she is absolutely right, but I’m sure, my accent sounds very different then the people at the West-coast speak.

To make a long story a bit shorter. Since the day we arrived this year in the USA, since the moment I hear the song Radar Love, I can’t stop thinking about another song of the Golden Earring. The song they became famous (at least in The Netherlands.) with. I think nobody of our foreign readers know this song, and I also think a lot of Dutch people don’t know the song either. ‘Back home’ it is.

Back home….. As much as I love to travel around the globe. As much as I love to see new places. As much as I love to learn new things. It always feels good to be back home.

[youtube]b_2iQdIxB9U[/youtube]

But if somebody asked me, I would leave next Monday for another 4 week trip. Hawaii sounds good to me…..
Lees het verhaal
3 oktober 2011

Monsters

Gisteren bleek dat het kleine pad van de Grote Beer. toch iets te lang was om gisterenavond nog te lopen. Deze morgen dus terug en we hebben de resterende 8 kilometertjes eventjes gewandeld voordat we in gingen checken voor de vlucht van morgen. De powertrail zoals het allemaal met zo’n mooi woord heet, hebben we nu voltooid, al moet ik er wel bij zeggen, dat we n cache niet hebben kunnen vinden. De kans dat we er ooit voor teruggaan is nihil.

Na het inchecken, nog n maal richting Downtown Denver. Eerst eventjes bij een muziekwinkel binnengelopen om voor wat CD’s te kijken. Toen we weer naar buiten gingen, zullen de verkopers wel gedacht hebben, dat we hele grote fans van Big Head Todd & The Monsters zijn, aangezien we een tasje hadden met daarin een zevental tweedehandse CD’s van deze band. Nu nog wegstoppen in een hoekje in de tas, zodat ze heel thuis arriveren en alles komt goed. Na het inchecken, nog n maal richting Downtown Denver. Eerst eventjes bij een muziekwinkel binnengelopen om voor wat CD’s te kijken. Toen we weer naar buiten gingen, zullen de verkopers wel gedacht hebben, dat we hele grote fans van Big Head Todd & The Monsters zijn, aangezien we een tasje hadden met daarin een zevental tweedehandse CD’s van deze band. Nu nog wegstoppen in een hoekje in de tas, zodat ze heel thuis arriveren en alles komt goed.

Na de muziekwinkel verder naar het laatste doel van deze reis, namelijk een bezoekje aan het stadion van de Colorado Rockies. Aangezien het hierbij om sport gaat, lijkt het mij verstandiger, als mijn vingers ophouden met het beroeren van de toetsen, en het verder overlaat aan Marieke.

Coors Field dus, het thuishonk van de Colorado Rockies. Dit stadion was voor ons niet nieuw, zoals de oplettende en trouwe lezer al wist. Op de eerste dag in Denver hebben we al stiekem een blik mogen werpen in het stadion, het ging toen slechts om enkele minuten aangezien er die dag geen rondleiding verzorgd werd, omdat er een wedstrijd gespeeld moest worden. Nu is het seizoen inmiddels net afgelopen en hadden we vanmiddag de kans om het stadion en al zijn ins en outs te mogen zien in zo’n anderhalf uur. De Rockies hebben een zeer beperkte geschiedenis, aangezien zij pas sinds 1993 bestaan. Ook veel prijzen hebben zij nog niet in hun prijzenkast staan.

Maar niettemin hebben zij een mooi stadion met een capaciteit van ruim 50.000 zitplaatsen. Je kunt al een kaartje bemachtigen voor het luttele bedrag van n hele dollar. Er is tevens plaats voor 1000 rolstoelen en er kunnen zelfs ziekenhuisbedden neergezet worden met een goed zicht op het veld, zodat ook deze fans een wedstrijd kunnen zien.

Ook hier is, net als bij de Broncos, het eigen domein heilig en mogen gasten zich niet begeven in de kleedkamer en het clubhuis van de Rockies zelf. We hebben wel in de dugout van de Rockies plaats mogen nemen!

In het clubhuis van de tegenstander wordt goed voor hen gezorgd. Zij krijgen naast een maaltijd ook een ‘uitgebreide’ spelletjeskast om zich voor de wedstrijd te kunnen vermaken. In het clubhuis van de tegenstander wordt goed voor hen gezorgd.

Het afgelopen jaar zijn er 22 ballen naar binnen gevlogen en deze laten zichtbaar sporen achter. Uiteraard hebben we ook hier de eregalerij en de persruimtes mogen bewonderen. De persruimte staat in open verbinding met het veld, de ramen worden namelijk ingeklapt. Zo kan het gebeuren dat er wel eens een honkbal naar binnen vliegt. De doorsnee supporter zo met man en macht en met gevaar voor eigen leven deze bal proberen te vangen, maar dit geldt zeker niet voor het persgilde. Zij rennen met hun kostbare laptop onder de arm zo snel als mogelijk weg om er zeker van te zien dat hun spullen niet beschadigd raken.

Leuk om deze keer het stadion van binnen te hebben gezien, nadat we in 2006 al een wedstrijd van de Yankees hebben mogen bezoeken. Voor nu zit het er weer bijna op. Nog even alles opnieuw inpakken en reorganiseren in de koffer en we kunnen morgen beginnen aan de lange reis naar huis.
Lees het verhaal
2 oktober 2011

Het kleine pad van Grote Beer

Geen spannende indianenverhalen vandaag, al doet de titel misschien wel iets anders vermoeden. De meesten zullen de titel niet begrijpen, echter ik weet zeker dat er twee mensen zijn, die, als ze de titel vertaald hebben met Google Translate, zullen beginnen te lachen. Mogelijkerwijs gevolgd door een klap met de eigen hand op het voorhoofd, vergezeld met de kreet ‘ O, nee!’? Helaas moeten wij dan antwoorden met ” O, ja! En we vonden het nog leuk ook.’

Gemiddeld worden de zin en onzin van onze belevenissen in de VS door 67 personen per dag gelezen. Wellicht dat het verstandig is, om het een en ander uit te leggen voor de 65 personen die niets van de titel snappen. Voordat ik dit ga doen, eerst even een korte samenvatting van de rest van onze belevenissen vandaag, aangezien Het kleine pad van Grote Beer. (let op de punt achter Beer, die is van groot belang.), maar een korte tijd van onze dag in beslag heeft genomen.

Ieder jaar, dus ook dit jaar, wordt er een dag ingepland om te gaan shoppen. Het is gewoon een feit dat kleren goedkoper zijn hier in de VS dan in Nederland, dus ook al is het van geen van ons beiden een hobby, dit hoort er gewoon bij. Zo gezegd, zo gedaan. Een winkelcentrum uitgezocht, en op pad. Deze was relatief dicht bij, slechts 75 kilometer van ons hotel vandaan. Alle winkels die we wilden bezoeken, waren er Levi’s, Tommy Hilfiger, Lids, Columbia, Adidas en noem ze allemaal maar op. Winkel in, winkel uit. Helaas niet geslaagd, en met lege handen weer verder op pad. Terug naar Colorado Springs, want daar waren we toch in de buurt, om onze verlengsnoer op te halen die we in het vorige hotel vergeten waren (Ja, ik weet het, maar ik kan er echt niets aan doen. Vroeger ben ik blond geweest.).

Op internet vond ik op een of ander forum ook nog een spelletjeswinkel in Colorado Springs die, volgens het forum, een gigantisch grote collectie bordspellen had. Altijd leuk om het nuttige met het aangename te combineren, dus op pad naar de winkel. Daar aangekomen konden we onze ogen niet geloven. De enorme collectie, bestond uit maar liefst drie hele stellingen. En dan waren de spellen ook nog in de breedte uitgestald, deze spellen heeft bij ons een gemiddelde speelgoedzaak. Tja, waarschijnlijk zijn wij wel heel erg verwend, met winkels, waarin complete winkels gevuld zijn met bordspellen die gewoon gestapeld in de schappen staan, omdat het anders niet past. Als je daar een spel wilt bekijken, moet je eerst verschillende andere spellen van de stapel afhalen voordat je het uitgekozen spel kunt bekijken.

Echter, er was ??n spel dat, mede door de prijs van iets meer dan EUR7,50, onze aandacht wist te trekken: Classic Statis Pro Baseball van de uitgever Avalon Hill. Een uitgever die bekend staat om, over het algemeen, goede, zij het strategische, spellen. Op de doos konden we echter niets terugvinden over het aantal spelers voor dit spel. Dus dan maar naar de baliemedewerker om dat te vragen. Nu verwacht ik van een medewerker van een dergelijke speciaalzaak nu niet meteen dat hij een Board Game Geek is, maar ik vind wel, dat hij dient te weten wat hij in de winkel heeft, en dat hij er vol enthousiasme over kan vertellen, enkel en alleen door maar een blik op de doos te werpen. Helaas voor ons, niets van dit alles. Hij pakte de doos aan, bekeek de aan alle kanten en zei dat hij het ook niet wist. Dus toch maar teruggezet in het schap.

Maar nu de verklaring van de titel. Grote Beer., oftewel Big Bear. in het Engels, is een zeer aardige geocacher die we vorig jaar hebben leren kennen. Bij deze ontmoeting, heb ik een speldje van hem gekregen, dat ik sindsdien vol trots op mijn pet draag, maar dit terzijde. Zoals de meesten wel weten, houden wij vooral van de speurtochten, oftewel 10 kilometer lopen en onderweg puzzels oplossen, om dan een plastic bakje te vinden vol met rommel en een stukje papier waar je je naam op mag krabbelen als bewijs dat je er geweest bent. Big Bear. in tegenstelling, vindt het vooral leuk om zoveel mogelijk caches te vinden. Het aantal geocaches dat hij heeft gevonden, is op het moment van typen, 12766. Hij is verzot op wegen, waar iedere 161 meter een cache verstopt ligt. Deze, lange rechte, wegen, waarop vaak dan meer dan 500 geocaches verstopt liggen worden ook wel Power Trail genoemd. Hij heeft op zo’n Power Trail al een keer meer dan 1000 geocaches op een dag gevonden. Niet echt ons ding, maar toch… Het gegeven blijft me op de een of andere manier toch wel interesseren. Bij toeval stuitte ik vanmorgen op een kleine powertrail. 35 geocaches, langs een weg van 7 kilometer.? Toegang voor gemotoriseerde voertuigen was er verboden, dus met een kleine 14 kilometer wandelen, zouden we plotseling 35 puntjes rijker zijn.

Het leek ons wel leuk, om na een dag winkelen, een stukje te wandelen, dus na het bezoek aan de spellenwinkel gingen we op weg naar het begin van het pad. Helaas is het hier om 7:00 uur al aardedonker, en we waren vrij laat, dus het stuk dat we konden lopen, was beperkt. Na een wandeling van iets meer dan anderhalf uur, waarbij we genoten hebben van verschillende hertjes, prairiehondjes en een fraaie zonsondergang, konden we 11 puntjes op ons conto bijschrijven. Het is en blijft een feit dat we meer genieten van ??n puntje na een lange wandeling vol leuke puzzels, maar ook dit heeft zijn charme.? Morgen gaan we op weg om de rest van het kleine pad van Grote Beer. te lopen.
Lees het verhaal
1 oktober 2011

Oranje-Blauw

Ruim een week kijken we in iedere souvenirshop naar een kaart van een Football stadion om te kunnen versturen naar een voor ons onbekende vrouw, welke graag kaarten heeft van Football stadions. Let wel, het gaat hier niet om soccer stadions, want dan wordt het hier nog een graadje moeilijker om aan een kaart te komen, maar om een NFL-Stadion. Hoe we ook zochten, we konden niets vinden. Dat vonden we eigenlijk wel vreemd, want ieder zichzelf respecterend dorpje heeft een eigen footballclub. Niet altijd een professionele op hoog niveau, maar toch op zijn minst een high-schoolteam. (Deze zijn vaak net zo populair als de professionele teams en hebben een grote schare aan supporters).

Maar zoals gezegd, konden we geen kaart vinden. Dan maar wachten tot we in Denver zijn, zodat we daar konden kijken naar een kaart van de plaatselijke footballtrots: Denver Broncos. Het leek ons beter om naar het stadion te gaan en via de offici?le merchandisingweg een briefkaart te kopen. En ach nu we er toch waren, hebben we maar direct gekeken of het niet mogelijk was om een rondleiding te krijgen. En dit maal geen korte priv?-rondleiding, maar een heuse stadiontour. Zo gezegd, zo gedaan en om klokslag 11.00 uur konden we aansluiten in een groepje.

De eerste vraag welke door de dame van de rondleiding gesteld werd, was de vraag van welke NFL-team je een fan was. O, o, dachten wij toen, we hebben in Nederland helemaal geen Amerikaans Football team. Maar toen zij hoorde dat we uit Nederland kwamen, klonk er slechts een ‘WOW’, en was de aandacht al afgeleid van het football-team. We hebben netjes verteld dat we geen echte fans zijn van het spelletje. (Hoewel ik hier wel op de TV het een en ander probeer te volgen).

De rondleiding was erg interessant en zat vol met leuke feitjes. De mascotte van de Broncos is een wit paard. Zijn beeltenis staat boven op het stadion. Een beeld van 9 meter hoog, dat per helikopter vanuit het oude stadion overgebracht is naar het huidige stadion. Bij iedere thuiswedstrijd loopt er een paard langs de lijn alvorens het spel begint. Wanneer de Broncos gescoord hebben, komt dit paard uit de gang van het stadion en loopt lichtelijk provocerend langs de lijn nadat hij de dug-out van het bezoekende team heeft gepasseerd (Er staat een paard in de gang… zeg maar. Maar dan niet bij buurvrouw Jansen, maar bij de Broncos.).

Het nieuwe stadion staat er nu zo’n 10 jaar en heeft een slordige 400 miljoen dollar gekost. Een miljoen is bekostigd door de naamgever van het stadion, 120 miljoen is ‘bij elkaar geraapt’ (lees: heeft een cheque uitgeschreven) door de eigenaar van de club en het overige is bekostigd middels belastinggeld van de inwoners van Denver. (In Eindhoven mopperen ze al als het slechts om een lening gaat!!).

Een plekje bemachtigen in het stadion valt niet mee, zo leerde de rondleiding. Het is voor 95% uitverkocht aan seizoenkaarthouders. Er is een tevens een wachtlijst van 30.000 mensen, die ook in aanmerking willen komen voor een seizoenskaart. Het lijkt dus verstandig om je pasgeboren baby alvast op te geven!!

Er zat trouwens nog wel een Nederlands tintje aan het stadion. Het fiberturfgras is afkomstig uit Haelen! (Een Limburgs-tintje wel te verstaan). Zij beschikken als enige stadion uit de NFL over deze perfecte grasmat.

Het was wel jammer dat we niet in de spelerstunnel en de kleedkamers van de thuisploeg mochten komen. Deze waren niet voor gasten.

Minder indrukwekkend dan Nou Camp, maar zeker de moeite van het bezoeken waard (Misschien het meest verbazingwekkende was nog wel, dat deze woorden uit de mond van Paul kwamen.).

En de kaart…. die was er wel, maar met de oude naamgever van het stadion er nog op. Maar ja, beter iets dan niets, dachten we.

Daarna? nog even naar de stad gegaan. En daar struikelden we over blauw-oranje kaarten. De clubkleuren van…… De Denver Broncos! Met stadion en wel.
Lees het verhaal
30 september 2011

Rotsschildpad

Opschieten, opschieten, flits het door mijn hoofd. Moet het verhaal van de dag op tijd klaar hebben vandaag. Het moet toch ??n keer lukken?

Hedenochtend is mij ter oren gekomen, dat het eerste wat er iedere morgen gedaan wordt, is ons verhaal van de vorige dag lezen. Helaas, soms diende er gewacht te worden, tot het moment daar was, dat er een verlossende e-mail op de digitale deurmat plofte. En als het eenmaal zo ver was, en eindelijk het verhaal gelezen kon worden, dan wordt het net een kinderverhaaltje. Want na het verhaaltje dan…. Inderdaad naar bed.

Goed, dus snel typen, want de seconden tikken weg, en de deadline nadert steeds dichter naarmate de letters onder mijn vingers, abacadabra voor de meesten vormen. En dan ben ik nog eens niet aan het verhaal van de dag begonnen. Een dag waaruit ik honderduit over zou kunnen verhalen, maar helaas is dat niet mogelijk, want die tikkende klok.

Honderduit verhalen over vandaag. Waar moet ik beginnen? Het meest logische zou zijn, om de eerste twee lettergrepen van deze alinea te nemen. Honderd….
Vandaag is het de honderdste dag dat wij in de Verenigde Staten rondreizen. Honderd dagen waarin we honderden dingen hebben gezien en beleefd. Groot en klein. Honderd dagen waarin we honderden mensen hebben leren kennen. De meesten snel vergeten, enkele die weer naar boven komen, bij het teruglezen van de verhalen, en een paar die dagelijks in ons hoofd zijn. Honderd dagen. Ze zijn voorbijgevlogen.
Ik zou ook zomaar twee lettergrepen voor de eerder genoemde twee lettergrepen kunnen zetten. Vijftien…
Vijftienhonderd zou het dan worden, en dat is dan weer het nummer van de mijlpaalcache die we vandaag hebben gevonden. Een nummer dat niets zegt, en toch zoveel betekent voor ons. Vijftienhonderd van die tupperwarebakjes, fotorolletjes, munitiekisten, enz. die we tevoorschijn hebben weten te toveren. Soms 1 cache na een wandeling van 16 kilometer, terwijl we op een andere dag, zoals bijvoorbeeld vandaag, 16 kilometer wandelen en dan onderweg 16 keer een naam op een stukje papier hebben mogen krabbelen.

Nog steeds niet aan het verhaal van vandaag begonnen, en die verdraaide klok. Snel iets nuttigs bedenken dan maar. Eergisteren, of was het gisteren? Ik weet het niet meer (op het moment dat ik deze 5 woorden tik, flitst er een sketch van Bert Visscher door mijn hoofd.), maakt eigenlijk ook niet uit welke dag het was. We houden het voor het gemak maar op de dag voor gisteren. Eergisteren dus, passeerden we een bord, met daarop de tekst Red Rock Canyon Open Area. Interessant klonk dit in onze oren, en in het hotel gearriveerd, zochten we dit op. Leek ons wel aardig om te gaan bekijken, dus deze morgen in alle vroegte op pad naar de Red Rock Canyon Open Area. Heerlijk gewandeld en genoten van de fraaie natuur. Niet zo fraai als die in de Garden of Gods gisteren, maar toch zeer fraai. Ander voordeel van dit park was het feit dat er geocaches lagen. Bij de ingang gekeken naar de wandelingen die er waren, en h??, zie daar, er is zelfs een rotsschildpad. Dat zullen veel mensen leuk vinden, en ??n in het bijzonder denk ik.

Er zijn veel wandelroutes in het park. Teveel om uit te kiezen, we besluiten dan ook om van geocache naar geocache te lopen. Het eerste pad is alles behalve geschikt als rotsschildpad. Veel te steil en te veel rotsen. We vinden onze eerste cache en we gaan verder naar nummer twee. Deze is te vinden op de kam van een rots, en biedt een schitterend uitzicht. We vervolgen onze weg, en de weg wordt geleidelijk aan vlakker. Helaas zal het nog een zware klus worden om dit te beschouwen als een rotsschildpad. Het pad bestaat immers uit een soortement van gravel. We komen bij een grasveldje aan, en hier zijn mensen het spel Cornhole aan het spelen (ik wilde een filmpje uploaden, maar het zou circa 52 uur duren voordat deze online stond. En tja, die tikkende klok, maar gelukkig is er YouTube, dus zie het filmpje hieronder), we blijven even staan kijken en vervolgen onze weg.

[youtube]WdbOMzLKdbA[/youtube]

Meer caches, aangezien het vandaag onze honderdste dag in Amerika is, lijkt het ons wel leuk om ook onze 1500e geocache vandaag te loggen. Moeten er dan nog wel 11 vinden in totaal vandaag, en dat is voor onze doen behoorlijk veel. Snel verder dus. We arriveren bij Newspaper Rock, en inderdaad, er is hier zoveel in de zandstenen rots gekrast door Jan en Alleman, dat het wel een krant lijkt. Helaas, hoe we hier ook zoeken en turen, we vinden geen cache en als rotsschildpad is het hier al helemaal niet geschikt. Op weg naar de volgende dan maar. Een behoorlijk pittige aldus de beschrijving. En inderdaad, als we vlakbij de cache zijn, dan blijkt dat de plek waar we moeten zijn, een oude steengroeve, onder water te staan. Aangezien mijn schoenen zijn beste tijd hebben gehad en allesbehalve waterdicht zijn, besluiten we om de cache vanaf de andere kant te benaderen. Welke kant dat is? Tja, als iets niet van onderaf te benaderen is, dan moet het maar van bovenaf. Zo gezegd, zo gedaan, en enkele minuten later, schuifel ik voetje voor voetje over een richel langs de wand van de steengroeve.

Het klinkt allemaal spannender dan het is, want zo hoog is het niet, en het richeltje is niet zo heel smal, maar je kunt het ook geen rotsschildpad noemen. Ik pak de cache, Marieke verzorgt de fotografie en we loggen deze.

Nog maar 7 geocaches te gaan. Ik ga niet alle caches in dit park beschrijven, maar in totaal hebben we hier ruim 6 kilometer gelopen. Het meeste over behoorlijk pittig en alles behalve geplaveid terrein. Dus een rotsschildpad? Nee, niet echt.

Gisteren (en dit weet ik zeker) moest Marieke naar het toilet. Op zich is dit niet zo heel spectaculair, want iedereen heeft wel eens de behoefte om een sanitaire stop te maken. Terwijl ik sta te wachten, blader ik een tijdschrift door, en zie daarin een kleine foto staan, met daarbij de tekst: Painted Mine. Niets meer, niets minder. Opgezocht, en het gebied ligt op een uurtje rijden vanaf Colorado Springs.

We komen daar aan, bekijken het routebord, en zijn verbaasd, als blijkt dat er ook hier een rotsschildpad zou moeten zijn. We kiezen een route uit, en beginnen aan de wandeling. Wat we hier te zien krijgen, is niet iets wat we hadden verwacht. Kleirotsen vermengd met ijzeroxide. Het resultaat is een schitterend, maar fragiel, kleurenspektakel. Het meest verbaasd zijn we nog wel over het feit, dat je gewoon over en tussen deze tere rotsen mag wandelen. Maar ook hier telt eigenlijk hetzelfde als deze morgen. Geen rotsschildpad. We genieten ten volle, en alle woorden die ik zou kunnen verzinnen, schieten te kort om afdoende te beschrijven wat we hier te zien krijgen. Dit is weer een typisch voorbeeld van zo’n onverwacht pareltje dat je te zien krijgt. Tijdens de wandeling van 10 kilometer die we hier maken, lukt het ook nog eens om voor de vijftienhonderdste keer een geocache te loggen.

We hebben vandaag een bijzondere, schitterende dag beleefd. Als we nu ook nog een rotsschildpad te zien hadden gekregen, dan zou dit een perfecte dag zijn geweest.

Op de TV is nu een bokswedstrijd aan de gang, en ik word zenuwachtiger telkens als de gong op de TV klinkt. De klok die tikt, ik heb nu niet heel veel tijd meer, maar ik ben ervan overtuigd dat er niet heel veel mensen zijn die iets begrijpen van het bovenstaand. Om het voor eenieder duidelijk te maken, vervang overal in het bovenstaande verhaal het woord rotsschildpad door het woord rolstoelpad, en het wordt plotseling helemaal een duidelijk, en alles behalve nonsens-verhaal.

Het mooiste is als iets rond is, inmiddels ben ik ervan overtuigd dat ik op tijd klaar ben met typen. Ook ik ben klaar, heb niets meer te vertellen. Hoef eigenlijk alleen nog maar een eind te breien aan dit relaas. Gelukkig hebben ze daar een mooie oplossing voor gevonden in een kinderverhaaltje. Wat is er dan gemakkelijker om die ook maar gewoon te gebruiken? Niets eigenlijk, dus bij deze dan maar:

En toen kwam er een olifant met een hele lange snuit, en die blies dit verhaaltje uit.

Slaap lekker!
Lees het verhaal
29 september 2011

Onverwacht

Normaal gesproken word ik wakker omdat ik gewoon klaar ben met slapen, deze morgen werd ik iets eerder wakker door iets wat ik niet thuis kon brengen. Telkens klonk er een door merg en been scherend… piiiiieeeeep… door de kamer. Maar opgestaan, het was immers al bijna kwart voor zes, om te gaan onderzoeken wat dit geluid zou kunnen zijn. Al snel trok ik de conclusie dat de harde wind (zeg maar gerust storm), de lamellen van de airconditioning langzaam op en neer bewoog. Aangezien we op de vijfde verdieping zitten, kon ik niet zomaar even naar buiten om dit probleem op te lossen door de lamellen te blokkeren. Maar wat mail gaan lezen, en wat recensies van bordspellen (inderdaad: Alien Frontiers, het blijft toch kriebelen) gelezen.

Daarna op zijn elf en dertigst van het ontbijt genoten, en overlegd wat we vandaag zouden gaan doen. Het originele plan? leek immers niet meer zo’n strak plan om te gaan doen met de harde wind buiten. De keuze viel uiteindelijk om als eerste een grot te gaan bezoeken. Deze stond eigenlijk voor deze middag op de lijst, maar ondanks dat de grot, Cave of the Winds heet, hadden we het idee dat het daarbinnen niet zo hard zou waaien. Daarna zouden we wel weer verder zien.

Zo gezegd, zo gedaan en we gingen op weg naar de grot. Iets meer dan een kwartier parkeerden we de auto, en daar kwam ik tot de ontdekking dat ik mijn fototoestel was vergeten mee te nemen. Terug naar het hotel, camera opgepikt en weer terug. Doordat we nu wat later waren, misten we de eerste tour van 10 uur. Gelukkig, want op het moment dat wij naar binnen mochten voor onze rondleiding, kwam de groep van 10 uur net terug. Een hele meute gillende kinderen kwam voorbij. Ik zou nu dus met een gerust hart kunnen zeggen dat ik mijn camera met voorbedachte rade was vergeten.

Maar goed, de rondleiding door de grotten. Ondanks dat het in een grot aardedonker is, bood deze grot weinig nieuws onder de zon. Het was allemaal wel leuk en mooi, maar als je Grotte Di Frasassi hebt bezocht, dan moet je eerlijk zijn, en bekennen dat deze grotten minder fraai zijn. Hoe dan ook, we hebben genoten van de wandeling, en zelfs nog enkele fraaie foto’s kunnen maken.

Op het moment dat we weer verse lucht inademden, merkten we dat deze niet meer met grote snelheid binnenkwam. Dus de wind was nagenoeg helemaal gaan liggen. Dit was iets wat we wel hadden gehoopt, maar niet hadden durven dromen. We besloten dat het nu tijd was om naar Garden of the Gods te gaan. We hebben wat leuke folders gelezen, en ook de Capitool Reisgids, was uitermate positief hierover (al moet ik bekennen dat ik na het Pueblo avontuur iets minder vertrouwen in deze reisgids heb.). Op pad dus maar.

Colorado Springs, is een van de meer toeristische gebieden die we ooit hebben bezocht in de VS. Dit laat zich in alles terugzien, de bewegwijzering, de vele reclameborden langs de weg, de prijzen. Waarschijnlijk komt dit omdat er hier zoveel op een hoopje te zien is, en dat veel van deze dingen privaat bezit zijn. We waren dan ook aangenaam verrast, toen bleek dat de entree voor Garden of the Gods, gratis is. Dit is iets on-Amerikaans in onze ogen. Al na de eerste bocht wachtte een fraai fotomoment op ons. We maken de foto’s, en gaan op pad richting het bezoekerscentrum. We zoeken daar een paar kortere wandelingen uit, en we gaan op pad. Tijdens de drie uitgezochte wandelingen genieten we van het vele natuurschoon, dat dit, relatief kleine, park te bieden heeft. Het meest bijzondere is toch wel op dit gebied, als het ware uit het niets, rode rotsen zijn. Alle bergen in de omgeving zijn grijs/wit, maar dit gebied is rood. Hier en daar is de overgang tussen de verschillende soorten rots te zien, maar het rood in combinatie met het groen, is een genot voor het oog.

Al met al weer een hele leuke dag. Mooie grotten, mooi park en ‘s avonds weer lekker gegeten. Wat kan een mens zich nog meer wensen?
Lees het verhaal
28 september 2011

Veilige manieren

Vandaag stond er een toeristische attractie op het programma, namelijk Pike’s Peak Cog Railway. Normaal gesproken is een toeristische attractie niet echt ons ding, maar volgens de Capitool is een rit met deze trein zeer de moeite waard.

Pike’s Peak is 14115 feet hoog, of te wel 4.302 meter.? Het is niet de hoogste berg van Colorado, maar is ook geen tuinkabouter te noemen. Ondanks het feit dat we graag onze wandelschoenen aandoen en houden van een uitdaging, hebben we besloten om de berg toch maar niet te voet te beklimmen, maar om zoals gezegd, de trein te nemen.

Ongeveer 5 minuten te laat (ach, de NS heeft meer vertraging) ging de trein beginnen aan de reis omhoog. Na een tijdje leek het of de trein niet meer recht op zijn rails stond, maar als je omkeek stond de trein een tikkeltje overeind. De waterflesjes die niet goed vastgehouden werden door de passagiers, rolden dan ook met regelmaat door de trein. Geen echte aanrader voor mensen met hoogtevrees. Dat bedacht onze overbuurvrouw te laat, waardoor ze de gehele weg (ruim een uur enkele reis) met angst in haar ogen heeft zitten kijken. En hele stukken zelfs niet heeft durven kijken.

Nou zo spannend vonden wij het nu ook weer niet, maar het uitzicht was vaak erg fraai. Boven aangekomen hadden we drie kwartier de tijd om van het uitzicht te genieten en ondertussen nog een cache te vinden, alvorens de trein weer naar beneden ging. We hadden zelfs de mogelijkheid gehad om sneeuwballen te gooien!! Na ruim een uur waren we weer terug bij het station. We hebben ons goed vermaakt en genoten van het uitzicht. Ik denk dat we bovendien nog nooit een cache gevonden hebben op zo’n hoogte. Weer een nieuwe uitdaging erbij;? zoek een nog hoger gelegen cache!!

Alvorens we naar Pike’s Peak gingen, zijn we nog even bij de supermarkt gestopt. De trein zou namelijk om 14.00 uur weer aankomen en dan zou het wel eens tijd kunnen zijn om onze inwendige mens te verzorgen. Elke keer als we bij de Safeways komen, vraagt men aan de kassa naar onze voordeelpas. Die hebben we niet en dus helaas voor ons geen aanbiedingen. Dit doet mij telkens zeer, als ik die paar centen korting niet kan krijgen. Tot vandaag. Want we hebben een voordeelpas gekregen!! Nu kunnen ook wij profiteren van de voordelen en op de kleintjes letten zeg maar. Eerder lukte het ons niet om zo’n kaart te krijgen, omdat onze postcode van 4 cijfers, niet past in de vakjes van de 5-cijferige postcode van de USA. Vandaag was het dus geen probleem en over 8 weken is ons telefoonnummer aan de pas gekoppeld, zodat we ook kunnen profiteren van de korting als we onze pas vergeten zijn!

Voor het avondeten hebben we nog even rondgelopen in downtown Colorado Springs. Niet heel bijzonder te noemen, maar wel aardig, met een paar mooie beelden, winkeltjes en galeries.
Lees het verhaal
27 september 2011

BGG's

Het oorspronkelijke plan was om van Cortez, CO, richting Great Sanddunes NP te rijden. Echter gisterenavond besloten wij, onder invloed van de belachelijke hoge prijs van de hotels in de omgeving en van het feit dat de foto’s van het park ons niet echt hebben kunnen overtuigen, om iets verder door te rijden naar het noorden, zodat we in Colorado Springs zouden eindigen. Klein nadeel van dit, was wel dat het een behoorlijke rit zou zijn, van ongeveer 600 kilometer. Voordeel ervan is, dat we nu een dag hier kunnen blijven. In deze omgeving is behoorlijk veel te zien, en we zijn er dan ook van overtuigd dat we ons hier zullen vermaken de komende dagen.

Zo rond de klok van 3 uur arriveerden wij in Colorado Springs. Dit was de tijd waarop wij hoopten om hier te zijn, zodat we nog een bezoekje aan een museum zouden kunnen brengen. De keuze viel op Ghost Town Museum. Gisteren de site al bekeken, en toen waren we al overtuigd, dat de naam van het museum, beter Wild West Museum zou kunnen zijn. Hetgeen zij lieten zien, was een overdekt openluchtmuseum (sorry, het is krom, maar beter kan ik het niet uitleggen in een paar woorden.), waarin getoond werd, hoe er ongeveer 150 jaar geleden (ten tijden van de goudkoorts.) in deze regio werd geleefd. Het museum was heel leuk van opzet, en we genoten dan ook volop. Helaas was het niet zo heel erg groot, zodat we na een uur al weer buiten stonden. Op naar het hotel dan maar, en een stukje gaan wandelen.

Daarna de stad in om een hapje te gaan eten. Via een site die recensies van restaurants bevat, kwamen we bij Rasta Pasta uit. De navigatie ingesteld, en downtown gereden. Aldaar gearriveerd, de auto geparkeerd, en terwijl we de straat oversteken, valt mijn oog op een winkeltje. Nu zijn wij niet zo van het winkelen, maar er is een bepaald soort winkels, dat op ons een grote aantrekkingskracht uitoefent. Afgelopen week, in Santa Fe, was het ook al gelukt, om ergens achteraf een winkel te ontdekken (zonder er veel moeite voor te hoeven doen) waar ze deze items verkochten. Natuurlijk naar binnen, en doos na doos in onze handen gehad. Had de winkel in Santa Fe nog een indrukwekkende collectie. Vanavond kregen we, zelfs voor Amerikaanse begrippen, een vrij standaard assortiment voorgeschoteld. Catan, 7 Wonders, Dominion, enzovoorts. Al moet ik zeggen, dat, de bij ons zeldzame, doos van Alien Frontiers wel heel erg aanlokkelijk was. Zelfs de prijs van deze viel niet tegen. Maar helaas moet ik Rob teleurstellen. Geen plek in de koffer.

En Rasta Pasta? Snel vergeten maar, niets bijzonders.
Lees het verhaal
26 september 2011

Slapers

Gisteren leerde de Ranger ons tijdens de wandeling door Balcony House dat de indianen geen tijdlijn kennen. Vandaag werd ons hetzelfde verteld, tijdens de wandeling door Cliff Palace. De indianen kunnen niet zeggen, hoelang geleden iets gebeurd is, maar alleen maar dat het is gebeurd. En dat is hetgeen dat telt, de gebeurtenis, niet wanneer en/of hoelang. Ik weet natuurlijk niet hoelang men daar over heeft gedaan, om dit feit te ontdekken, maar volgens mij kan het niet zo heel veel moeite hebben gekost. Wij hebben er namelijk maar twee dagen over gedaan om te ontdekken, dat de Indianen geen tijd kennen. Afgelopen week tijdens de zoektocht naar de Pueblo’s hebben wij dat voor het eerst ontdekt. Volgens de site van de indianen, en volgens het bordje op de deur, zou deze om 8 uur ‘s morgens opengaan. Toen wij echter om iets over 10 passeerden, was alles nog gesloten. Toen we iets later, zo rond de klok van elf, opnieuw passeerden, kwam er een beetje leven in de brouwerij. Een dag eerder, in Santa Fe. Tientallen indianen, hadden een kleedje uitgestald om hun spullen te verkopen. We hadden het idee, dat ze behoorlijk vroeg met uitstallen van hun spulletjes waren begonnen. Enkele kleedjes verder werd al snel duidelijk hoe de indianen hun truc deden. Ze blijven ‘s nachts gewoon slapen. Dekentje over het lijf, rug tegen de muur en maffen maar. En de winkel? Die gaat gewoon open als ze wakker zijn.? Enkele dagen later, op weg richting Cortez, Colorado, afslag Mesa Verde NP, langs de weg, waren een paar kraampjes van indianen. Hier hetzelfde beeld, indianen die in stoeltjes zitten te slapen. Autokraampjes die opengaan als ze wakker zijn. Wanneer dat gaat gebeuren? Geen idee, toe we ‘s avonds weer voorbijreden, zaten ze nog steeds in hun stoeltje. Inderdaad, te slapen. Tijdens de wandeling met de Ranger gisteren, hebben we geleerd dat de indianen ruim 20 jaar deden om een huis te bouwen, haast kenden ze niet. Zouden ze eigenlijk wel gehad moeten hebben destijds, want de gemiddelde levensverwachting was 30 jaar. Ook leerden we dat de namen die de blanken aan de indianen hebben gegeven, door hen als een belediging worden beschouwd. Wel, ze zouden gelukkig moeten zijn met die namen, want de naam die wij aan de indianen hebben gegeven, zullen ze wel helemaal beschouwen als een belediging. Ach, wat maakt het hen nu eigenlijk uit. Ze weten toch niet hoelang ze onze naam al hebben, alleen dat ze hem hebben. Slapers….

Maar zoals gezegd, vandaag weer op pad naar Mesa Verde NP. Dit maal om enkele wandelingen te doen, die we gisteren niet hebben gedaan, en om een wandeling onder begeleiding van een Ranger te doen. Ditmaal door een ander gedeelte van het park. Helaas geldt ook hier dat het niet mogelijk is om de wandeling in je uppie te doen. We vinden het wel begrijpelijk, want anders zou het een grote puinhoop worden, en zou deze plek binnen afzienbare tijd verdwenen c.q. vernield zijn. Het verhaal dat tijdens deze tocht werd verteld, had grotendeels dezelfde strekking als het verhaal van gisteren. Interessant, dat wel, maar eigenlijk niets nieuws onder de zon. Schitterende uitzichten over de oude dorpen die hier zijn gebouwd in de canyonwanden. Nog steeds verbaasd over het ongelooflijke aantal kamers dat de indianen op een klein oppervalk wisten te bouwen, en vooral respect voor de kennis van architectuur die ze klaarblijkelijk toch wel hadden. Echter toen we aan deze wandeling begonnen, hadden we het idee dat we de bekende foto’s zouden zien in real-life. De foto’s van de in loodrechte canyon-wanden gebouwde dorpjes. Niets was echter minder waar, want ook nu liepen we er weer midden doorheen.

Na de wandeling begonnen aan een rondrit, waarbij we allemaal zeer korte wandeling voor onze kiezen kregen, maar toch wandelingen van een behoorlijk inspannend niveau. Bij elke stop, kwamen we een bus tegen met toeristen daarin. Telkens als wij arriveerden, gingen zij weer weg. Bij een van de laatste wandelingen, passeerden wij hen en gingen ze achter ons aan. Bij het allerlaatste punt van de rondrit aangekomen, kregen we de plaatjes voorgeschoteld die in alle reisgidsen staan. De dorpjes op de loodrechte wanden. In de verte zag ik de bus aankomen. We versnelden onze pas om de meute voor te zijn, maar al snel bleek dat niet nodig te zijn. De bus stopte, gaf iedereen welgeteld 10 seconden de tijd om te kijken, en reed weer verder. Nou ja zeg! Zoals gezegd, hier waren de plaatjes te zien uit de reisgidsen, en dan zomaar doorrijden. In mijn ogen is dit net zoiets als bij ieder archeologische vondst in de omgeving van Pisa te stoppen en uitleg te geven, en dan bij de beroemde toren, plankgas doorrijden.

Daarna door naar de laatste wandeling van vandaag. Spruce House. Toen ik aan het begin deze maand een foto tegenkwam, van Mesa Verde tijdens het inscannen van een reisgids, was ik toch wel erg gecharmeerd van deze foto, en wilde ik deze situatie graag zelf zien. In de tussentijd gevonden waar de foto gemaakt was, en vandaag was het dan zover. Een behoorlijke afdaling bracht ons naar Spruce House, en al snel zagen we het punt waar de foto gemaakt was. Helaas afgesloten voor publiek, dus onmogelijk om het met eigen ogen te zien, maar er was wel een soortgelijk punt. Een paar kleine details verschilden, maar een kniesoor die daar op let. Ik wachtte totdat iedereen de ruimte had verlaten en gaf mijn eigen huispitbull, Marieke, de opdracht om de toegang even te bewaken, zodat ik de tijd had om eventueel zelf een foto te maken. Eenieder die Marieke een klein beetje kent, weet dat deze taak haar wel is toevertrouwd, en zodoende daalde ik met een gerust hart af in de kleine ruimte. Snel een paar foto’s gemaakt, en geroepen dat Marieke ook kon komen kijken. Ook zij kon nog enkele foto’s maken voordat er meerdere mensen naar beneden kwamen en het daardoor onmogelijk werd om een foto van de ruimte te maken. Of het mij is gelukt? Ik vind dat ik een voldoende heb gehaald, maar smaken verschillen.

Twee dagen Mesa Verde NP dus. Een onvergetelijk park, en eigenlijk een must om te bezoeken als je in de buurt bent (voor ons is dat binnen een straal van 500 km.). Werkelijk een schitterend, indrukwekkend en leerzaam park. We weten nu veel meer over Slapers….
Lees het verhaal
25 september 2011

Mesa Verde National Park

Vandaag staat Mesa Verde NP park op het programma. H?t park dat dit jaar bij ons allebei hoog op het verlanglijstje stond. Deze ochtend eerst een rit van 2? uur richting het park. Om de ??n of andere reden, schiet het vandaag niet zo op hebben we allebei het idee. We waren al wat later weg dan gewoonlijk, zo rond de klok van half negen, moesten nog wat boodschappen doen onderweg, maar toch stonden we voor 12 uur in het park. Even het een en ander bekijken en vragen in het bezoekerscentrum, en daar krijgen we te horen dat er een gedeelte van het park sinds vandaag is afgesloten. Dit in verband met te weinig bezoekers. Daar valt ons plan toch wel een beetje in duigen, want het gedeelte dat is afgesloten, hadden we voor vandaag in de pijplijn zitten. Change of plans dan maar.

We besluiten het programma van morgen op te splitsen in twee dagen, en vandaag slechts ??n wandeling te doen. Deze wandeling is uitsluitend in groepsverband te doen. Wel jammer en niet echt ons ding, maar ja, we hebben geen keus. En als je iets wilt zien, dan zul je zo af en toe toch een compromis moeten sluiten. Netjes in de rij dus, om de wandeling naar Balcony House te doen. Volgens de, alleraardigste, ranger, valt de grootte van de groep erg mee. Volgens ons valt hij tegen, want Marieke telt maar liefst 32 personen. Normaal gesproken, drentelen we een beetje achter de groep aan, maar helaas is dat niet mogelijk. De ranger wacht totdat iedereen het hek is gepasseerd, en sluit het dan af, nadat de laatste persoon er doorheen gelopen is.? We krijgen een geweldig goede uitleg over hetgeen we zullen gaan zien, en vervolgens gaan we op pad naar het tweede afgesloten hek.

Nu weer hetzelfde verhaal. Alhoewel bijna het zelfde verhaal, want hetgeen de ranger op dit punt vertelt, is toch wel iets anders. Maar ik denk dat iedereen de strekking begrijpt van hetgeen ik bedoel. Als we de volgende poort passeren, moeten we een houten trap op van 10 meter hoog. Indrukwekkend, om op zo’n manier een loodrechte canyonwand te bestijgen. Als we boven zijn aangekomen, krijgen we precies dat te zien waarvoor we zijn gekomen.

Het meest verbazingwekkend vind ik nog wel, dat zowat alles wat we zien nog in originele staat is. Hier staan huisjes met nog strakke muren al meer dan 800 jaar. Zoals ik al eerder heb gezegd, indrukwekkend. De huisjes zijn klein. Zeer klein. Op een inham in de canyonwand van 60×6 meter, hebben circa 60 mensen gewoond en gewerkt.

Er was maar ??n manier om er te komen, en dat was ook nog eens niet de meest gemakkelijke. Wij verlaten dit dorpje via de weg die de indianen die hier vroeger hebben gewoond, gebruikt hebben om binnen te komen.

O ja, terwijl we in het dorpje waren, stopte mijn camera er weer mee. Een noodgreep maakte dat hij het weer deed. Maar liefsts 2 foto’s kon ik maken voordat 350 weer dienst weigerde. Weer de noodgreep. 10 foto’s. Noodgreep. Niets. Noodgreep. Niets. Nu ben ik niet zo van de verbale verwensingen, maar op dat moment heb ik zo ongeveer alles en iedereen inwendig verwenst? die maar enigszins een beetje heilig is.

We besluiten dat er eigenlijk maar een oplossing is die afdoende zal werken. Een nieuwe body. Zo gezegd, zo gedaan, dus we gaan op pad naar Wal-Mart om naar een nieuwe body te kijken. Ik heb nog even zitten twijfelen over een compactcamera, maar wist eigenlijk diep van binnen wel, dat ik daar uiteindelijk spijt van zou gaan krijgen. En hier juichen we voor het eerst de 24/7 economie toe van de VS. Want waar lukt het in Nederland om op een willekeurige zondag, om kwart over zes ‘s avonds een nieuwe spiegelreflexcamera te kopen? Bij mijn weten nergens. Hier is het geen enkel probleem. Enige minpunt is dat ze geen losse body verkopen. Alleen een set in combinatie met een lens die ik al heb. Niet echt interessant dus en we kijken nog even verder.

Lang leve 24/7 dus. Alhoewel het mij toch nog steeds blijft verbazen, hoe het kan dat er mensen zijn die ‘s nachts om 1 uur in bed liggen te slapen, wakker worden en besluiten om op dat moment een GPS te gaan kopen.

Enkele dagen geleden, toen we nog in Santa Fe verbleven, zagen we overal souvenirs met daarop luchtballonnen. Een vriendelijke mevrouw vertelde ons dat volgende week het grootste luchtballonnen festival ter wereld plaatsvind in Albuquerque. We namen het allemaal voor waar aan, maar toen we dat via Skype vertelden, kregen we toch wel de vraag of we daar niet even langs gingen om te gaan kijken. Het antwoord, was dat het ruim 1000 kilometer rijden is, omdat we dan in Denver zitten, en dat alle hotels in Albuquerque al een jaar volgeboekt zijn. Maar wie zouden we zijn, als we niet alles doen om iedereen tevreden te houden, en proberen om een oplossing te bedenken?

Deze avond dus, op speciaal verzoek, een luchtballonnenfestival bezocht. Hieronder een kort filmpje. Ik hoop dat iedereen nu gelukkig is.

[vimeo]29585960[/vimeo]
Lees het verhaal
25 september 2011

24/7

Vandaag staat Mesa Verde NP park op het programma. Hét park dat dit jaar bij ons allebei hoog op het verlanglijstje stond. Deze ochtend eerst een rit van 2 uur richting het park. Om de één of andere reden, schiet het vandaag niet zo op hebben we allebei het idee. We waren al wat later weg dan gewoonlijk, zo rond de klok van half negen, moesten nog wat boodschappen doen onderweg, maar toch stonden we voor 12 uur in het park. Even het een en ander bekijken en vragen in het bezoekerscentrum, en daar krijgen we te horen dat er een gedeelte van het park sinds vandaag is afgesloten. Dit in verband met te weinig bezoekers. Daar valt ons plan toch wel een beetje in duigen, want het gedeelte dat is afgesloten, hadden we voor vandaag in de pijplijn zitten. Change of plans dan maar.

We besluiten het programma van morgen op te splitsen in twee dagen, en vandaag slechts één wandeling te doen. Deze wandeling is uitsluitend in groepsverband te doen. Wel jammer en niet echt ons ding, maar ja, we hebben geen keus. En als je iets wilt zien, dan zul je zo af en toe toch een compromis moeten sluiten. Netjes in de rij dus, om de wandeling naar Balcony House te doen. Volgens de, alleraardigste, ranger, valt de grootte van de groep erg mee. Volgens ons valt hij tegen, want Marieke telt maar liefst 32 personen. Normaal gesproken, drentelen we een beetje achter de groep aan, maar helaas is dat niet mogelijk. De ranger wacht totdat iedereen het hek is gepasseerd, en sluit het dan af, nadat de laatste persoon er doorheen gelopen is. We krijgen een geweldig goede uitleg over hetgeen we zullen gaan zien, en vervolgens gaan we op pad naar het tweede afgesloten hek.

Nu weer hetzelfde verhaal. Alhoewel bijna het zelfde verhaal, want hetgeen de ranger op dit punt vertelt, is toch wel iets anders. Maar ik denk dat iedereen de strekking begrijpt van hetgeen ik bedoel. Als we de volgende poort passeren, moeten we een houten trap op van 10 meter hoog. Indrukwekkend, om op zo'n manier een loodrechte canyonwand te bestijgen. Als we boven zijn aangekomen, krijgen we precies dat te zien waarvoor we zijn gekomen.

Het meest verbazingwekkend vind ik nog wel, dat zowat alles wat we zien nog in originele staat is. Hier staan huisjes met nog strakke muren al meer dan 800 jaar. Zoals ik al eerder heb gezegd, indrukwekkend. De huisjes zijn klein. Zeer klein. Op een inham in de canyonwand van 60x6 meter, hebben circa 60 mensen gewoond en gewerkt.

Er was maar één manier om er te komen, en dat was ook nog eens niet de meest gemakkelijke. Wij verlaten dit dorpje via de weg die de indianen die hier vroeger hebben gewoond, gebruikt hebben om binnen te komen.

O ja, terwijl we in het dorpje waren, stopte mijn camera er weer mee. Een noodgreep maakte dat hij het weer deed. Maar liefsts 2 foto's kon ik maken voordat 350 weer dienst weigerde. Weer de noodgreep. 10 foto's. Noodgreep. Niets. Noodgreep. Niets. Nu ben ik niet zo van de verbale verwensingen, maar op dat moment heb ik zo ongeveer alles en iedereen inwendig verwenst? die maar enigszins een beetje heilig is.

We besluiten dat er eigenlijk maar een oplossing is die afdoende zal werken. Een nieuwe body. Zo gezegd, zo gedaan, dus we gaan op pad naar Wal-Mart om naar een nieuwe body te kijken. Ik heb nog even zitten twijfelen over een compactcamera, maar wist eigenlijk diep van binnen wel, dat ik daar uiteindelijk spijt van zou gaan krijgen. En hier juichen we voor het eerst de 24/7 economie toe van de VS. Want waar lukt het in Nederland om op een willekeurige zondag, om kwart over zes 's avonds een nieuwe spiegelreflexcamera te kopen? Bij mijn weten nergens. Hier is het geen enkel probleem. Enige minpunt is dat ze geen losse body verkopen. Alleen een set in combinatie met een lens die ik al heb. Niet echt interessant dus en we kijken nog even verder.

Lang leve 24/7 dus. Alhoewel het mij toch nog steeds blijft verbazen, hoe het kan dat er mensen zijn die 's nachts om 1 uur in bed liggen te slapen, wakker worden en besluiten om op dat moment een GPS te gaan kopen.

Enkele dagen geleden, toen we nog in Santa Fe verbleven, zagen we overal souvenirs met daarop luchtballonnen. Een vriendelijke mevrouw vertelde ons dat volgende week het grootste luchtballonnen festival ter wereld plaatsvind in Albuquerque. We namen het allemaal voor waar aan, maar toen we dat via Skype vertelden, kregen we toch wel de vraag of we daar niet even langs gingen om te gaan kijken. Het antwoord, was dat het ruim 1000 kilometer rijden is, omdat we dan in Denver zitten, en dat alle hotels in Albuquerque al een jaar volgeboekt zijn. Maar wie zouden we zijn, als we niet alles doen om iedereen tevreden te houden, en proberen om een oplossing te bedenken?

Deze avond dus, op speciaal verzoek, een luchtballonnenfestival bezocht. Hieronder een kort filmpje. Ik hoop dat iedereen nu gelukkig is.

[vimeo]29585960[/vimeo]
Lees het verhaal
24 september 2011

350, 127, 013 of toch maar een ander getal?

Afgelopen zomer zagen we de? film 127 hours, een film over een jongen die over en door kleine canyons klimt en springt en uiteindelijk vast komt te zitten onder een rotsblok. Niemand die hem hoort of ziet, en uiteindelijk lukt het het hem om zichzelf uit zijn benarde situatie te bevrijden door met behulp van een zakmes zijn arm te amputeren. Indrukwekkende, waargebeurde, film, die we iedereen kunnen aanraden om een keer te kijken. Op 26 augustus, werden bekenden van ons toch wel iets of wat benauwd over onze trip van dit jaar, toen ze het nieuws lazen, dat een Tilburger en zijn vriendin waren omgekomen in Joshua Tree NP. Beide verhalen, hoe dramatisch ook, zijn toch een gevalletje van eigen schuld, dikke bult. In het eerste geval, is het een kwestie van overmoed, onvoorzichtigheid en het afwijken van de gebaande paden. In het tweede geval een kwestie van dommigheid. Je dient immers altijd meer dan voldoende water mee te nemen, en op het moment als je met de auto vast komt te zitten, in de auto blijven wachten.

Ik zal niet zeggen, dat ons niets zal gebeuren. Natuurlijk is er altijd iets mogelijk, maar afwijken van de gebaande paden doen we niet, en we zorgen er altijd voor dat we geen weg inrijden, waarbij staat aangegeven dat deze uitsluitend geschikt is voor een 4WD aangedreven wagen. Ook zorgen we er altijd voor, dat als we gaan wandelen, dat we ruim voldoende water bij ons hebben.

In het geval van de Nederlanders, hadden we toch wel een beetje moeite om het te begrijpen. Tot we vandaag aan een wandeling begonnen, en voor ons twee mensen zagen lopen met teenslippertjes aan, een een half flesje water (circa 250 ml) in de hand. Om nu te zeggen, dat ze erom vragen dat er iets gebeurt, gaat wel een beetje ver, maar het is verre van slim. Nee, dan wij. We liepen ieder met een rugzak: EHBO-spullen, ruim 3 liter water, een GPSr voor het geval dat we verkeerd mochten lopen, extra batterijen, stevige wandelschoenen, bescherming voor het hoofd (pet) zodat deze niet oververhit raakt. En dat allemaal voor een wandeling van een uurtje of twee. Waarschijnlijk verklaart men ons wel voor gek, maar goed, dat is hun keus. Wij willen morgen ook graag nog mooie dingen zien. Het gehalte gek zijn, werd waarschijnlijk nog hoger, op het moment dat wij de benodigde vergunning invulden (naam, adres en welke route we gingen lopen), en deze netjes voor het raam van onze auto plaatsen, zoals vereist was. Wie doet nu zoiets? Aan de auto’s op de parkeerplaats te zien, niet veel mensen, want ik zag bij slechts ??n auto een permit voor het raam liggen. Tja, hoe dom kun je zijn?

Maar goed, uiteindelijk op pad. Op aanraden van een Park Ranger van het Chaco Culture NHS, kozen we voor een pad van gemiddelde zwaarte. Op het moment dat we een kleine kilometer hadden gelopen keken we elkaar aan, en zagen we voor de eerste keer deze trip, een pad zoals wij ze graag hebben. Niet geplaveid, maar ook niet onverantwoord op op te klimmen en af te dalen.

[vimeo]29546061[/vimeo]

Het pad zou ons uiteindelijk leiden naar een uitzichtpunt over een oude stad van de indianen. Gebouwd tussen 800 & 1200AD. Het uitzicht over deze stad was inderdaad adembenemend. Ik maak een paar foto’s. Klik, klik, niets…

Niets, inderdaad. Mijn camera houdt er mee op. Err99 zegt het beeldscherm. Batterijen verwisseld. Geen resultaat. Lens verwisseld. Geen resultaat. CF kaart verwisseld. Geen resultaat. Wat ik ook deed, mijn Canon 350 bleef in alle talen zwijgen.

We vervolgen het pad, en we doen nog een paar wandelingen. Ondertussen samen brainstormend over wat er nu mis zou kunnen zijn met het toestel. Ondertussen gewoon genieten van dit juweel van een park, want dat zouden we bijna vergeten in alle commotie.

Als we in het hotel zijn aangekomen, probeer ik op internet op te zoeken wat de remedie is voor mijn camera. De meeste berichten die ik lees, is dat het eigenlijk gewoon het beste afgeschreven kan worden, en laat dat nu net niet het bericht zijn, dat ik wil lezen. Dan ziet Marieke een post staan, dat er mogelijk een contact van de lens vuil is. Niet geschoten is altijd mis, en ik probeer deze zuiver te maken. Herplaats de lens, en wonder boven wonder. De camera werkt weer. Voor hoelang. Geen idee, maar het zal wel tijd worden, om eens te gaan nadenken wat ik wil als mijn camera echt gehemeld is.

En over het getal. De 350 doet het nog wel een tijd hoop ik, en we hebben geen behoefte aan 127 of 013. We doen het wel op onze eigen manier. Een beetje uitdagend, verantwoord en volgens de regeltjes. En als dat een getal moet hebben. Ach, doe dan maar 040.
Lees het verhaal
Benieuwd waar wij onderweg naar luisteren? Bij iedere reis hoort ook een eigen soundtrack. Ontdek de playlists die met onze avonturen meereizen.
Ontdek Getikte deuntjes